Bestuursrecht overig
Bij besluit van 3 september 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Soest het…
Raad van State, 7 mei 2025
ECLI:NL:RVS:2025:1994 · Raad van State · 7 mei 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/raad-van-state/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/voorlopige-voorziening/ecli-nl-rvs-2025-1994
Zaakgegevens
Op 7 mei 2025 heeft de Raad van State in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Raad van StateRaad van StateDe hoogste algemene bestuursrechter, onder meer voor omgevingsrecht en vreemdelingenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 7 mei 2025
- Datum publicatie
- 1 mei 2025
- Zaaknummer
- 202406482/2/R4
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursrecht overig
- Procedure
- Voorlopige voorzieningVoorlopige voorzieningEen tijdelijke maatregel van de voorzieningenrechter, bijvoorbeeld het schorsen van een besluit, zolang bezwaar of beroep loopt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2025:1994
Samenvatting
Bij besluit van 3 september 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Soest het wijzigingsplan "Kerkstraat 56-58" vastgesteld. Tegen dit besluit hebben [verzoekers] beroep ingesteld. [verzoekers] hebben de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
Uitspraak
202406482/2/R4.
Datum uitspraak: 7 mei 2025
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
[verzoeker A] en [verzoeker B], beiden wonend in Soest,
verzoekers,
en
het college van burgemeester en wethouders van Soest,
verweerder.
Procesverloop
Bij besluit van 3 september 2024 heeft het college het wijzigingsplan "Kerkstraat 56-58" vastgesteld.
Tegen dit besluit hebben [verzoekers] beroep ingesteld.
[verzoekers] hebben de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
Het college heeft een verweerschrift ingediend.
De Bunte Vastgoed B.V. heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek op een zitting behandeld op 10 januari 2025, waar [verzoekers], bijgestaan door mr. H.K.P. Yildiz, advocaat te Utrecht, en het college, vertegenwoordigd door D. Bogers, zijn verschenen. Verder is op de zitting De Bunte, vertegenwoordigd door [gemachtigden], als partij gehoord.
Overwegingen
1. Bij uitspraak van vandaag, ECLI:NL:RVS:2025:1980, heeft de Afdeling op het beroep beslist. Derhalve is geen sprake meer van een geding. Gelet hierop bestaat aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.
2. Het college hoeft geen proceskosten te betalen.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. A.J.C. de Moor-van Vugt, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. W.J.C. Robben, griffier.
w.g. De Moor-van Vugt
voorzieningenrechter
w.g. Robben
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 7 mei 2025
610-947