Omgevingsrecht
Bij besluit van 22 november 2006 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hof van Twente (hierna…
ECLI:NL:RVS:2008:BF0316 · Raad van State · 10 september 2008
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/raad-van-state/bestuursrecht/omgevingsrecht/hoger-beroep/ecli-nl-rvs-2008-bf0316
Zaakgegevens
Op 10 september 2008 heeft de Raad van State in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over omgevingsrecht.
- Instantie
- Raad van StateRaad van StateDe hoogste algemene bestuursrechter, onder meer voor omgevingsrecht en vreemdelingenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 10 september 2008
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 200800095/1
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht Omgevingsrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2008:BF0316
Samenvatting
Bij besluit van 22 november 2006 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hof van Twente (hierna: het college) aan Spectrum Wonen Lochem (hierna: Spectrum Wonen) vrijstelling en bouwvergunning verleend voor het oprichten van een medisch centrum op het perceel Looiersplantsoen 1 te Diepenheim en van elf appartementen op het perceel Goorseweg 1-01 tot en met 1-11 te Diepenheim.
Uitspraak
200800095/1.
Datum uitspraak: 10 september 2008
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak op het hoger beroep van:
[appellanten], wonend te [woonplaats],
tegen de uitspraak in zaken nrs. 07/582, 07/589 en 07/598 van de rechtbank Almelo van 21 november 2007 in het geding tussen:
[appellanten]
en
het college van burgemeester en wethouders van Hof van Twente.
1. Procesverloop
Bij besluit van 22 november 2006 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hof van Twente (hierna: het college) aan Spectrum Wonen Lochem (hierna: Spectrum Wonen) vrijstelling en bouwvergunning verleend voor het oprichten van een medisch centrum op het perceel Looiersplantsoen 1 te Diepenheim en van elf appartementen op het perceel Goorseweg 1-01 tot en met 1-11 te Diepenheim.
Bij afzonderlijke besluiten van 17 april 2007 heeft het college de daartegen door [appellanten] gemaakte bezwaren ongegrond verklaard.
Bij uitspraak van 21 november 2007, verzonden op dezelfde dag, heeft de rechtbank Almelo (hierna: de rechtbank) de daartegen door [appellanten] en [belanghebbende] ingestelde beroepen ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.
Tegen deze uitspraak hebben [appellanten] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 3 januari 2008, hoger beroep ingesteld. De gronden van het hoger beroep zijn aangevuld bij brief van 14 januari 2008.
Het college heeft een verweerschrift ingediend.
De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 12 augustus 2008, waar [appellanten] en het college, vertegenwoordigd door mr. P. Braamhaar, ambtenaar in dienst van de gemeente, zijn verschenen. Voorts is als partij gehoord Spectrum Wonen, vertegenwoordigd door [adjunct-directeur], bijgestaan door mr. D.M. de Bruin, advocaat te Doorn.
2. Overwegingen
2.1. Eerst ter zitting bij de Afdeling hebben [appellanten] betoogd dat de rechtbank ten onrechte niet is ingegaan op de door hen ter zitting van de rechtbank aangevoerde stelling dat niet is gebleken dat de welstandscommissie bevoegd was te adviseren over het bouwplan. Nu het college niet in staat is geweest zich hierop voor te bereiden en daarom zich redelijkerwijs niet daartegen kon verweren, wordt hetgeen [appellanten] aldus hebben aangevoerd uit een oogpunt van goede procesorde buiten beschouwing gelaten. Anders dan [appellanten] stellen, betreft dit geen punt dat door de Afdeling ambtshalve dient te worden beoordeeld.
2.2. Voor het overige herhalen [appellanten] in hoger beroep wat zij bij de rechtbank hebben aangevoerd, zonder daarbij argumenten aan te dragen waarom naar hun oordeel de uitspraak van de rechtbank onjuist zou zijn. Gelet hierop en nu de rechtbank de beroepen terecht en op goede gronden ongegrond heeft verklaard, wordt met dit oordeel volstaan.
2.3. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.
2.4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
Recht doende in naam der Koningin:
bevestigt de aangevallen uitspraak.
Aldus vastgesteld door mr. H.G. Lubberdink, voorzitter, en mr. P.A. Offers en mr. T.M.A. Claessens, leden, in tegenwoordigheid van mr. R. van Heusden, ambtenaar van Staat.
w.g. Lubberdink w.g. Van Heusden
voorzitter ambtenaar van Staat
Uitgesproken in het openbaar op 10 september 2008
313-530.