Vreemdelingenrecht

Bij besluit van 27 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring…

Zaakgegevens

Op 10 november 2023 heeft de Raad van State in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
10 november 2023
Datum publicatie
10 november 2023
Zaaknummer
202305631/1/V3
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:4188
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Bij besluit van 27 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

Procesgang

  1. Rechtbank Den Haag · 24 augustus 2023

    ECLI:NL:RBDHA:2023:12634
  2. Raad van State · 10 november 2023deze uitspraak

    ECLI:NL:RVS:2023:4188

    Niet ontvankelijk

Uitspraak

202305631/1/V3.

Datum uitspraak: 10 november 2023

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van:

[de vreemdeling],

appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, van 24 augustus 2023 in zaak nr. NL23.22575 in het geding tussen:

de vreemdeling

en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.

Procesverloop

Bij besluit van 27 juli 2023 heeft de staatssecretaris de vreemdeling in bewaring gesteld.

Bij uitspraak van 24 augustus 2023 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.

Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. M.K. Bhadai, advocaat te Den Haag, hoger beroep ingesteld.

Overwegingen

1.       Het hoger beroep richt zich niet tegen de uitspraak van de rechtbank. De vreemdeling legt namelijk niet uit waarom de uitspraak van de rechtbank volgens hem niet juist is. Daarom kan de Afdeling geen inhoudelijk oordeel geven over het hoger beroep (artikel 85 van de Vw 2000).

2.       Het hoger beroep is niet-ontvankelijk. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk.

Aldus vastgesteld door mr. H.G. Sevenster, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. A.M. van Meurs-Heuvel, griffier.

w.g. Sevenster

lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Van Meurs-Heuvel

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 10 november 2023

47-1086