Civiel recht overig
Verzoek niet-ontvankelijk verklaard. Een wrakingsverzoek kan alleen gericht worden tegen een rechter bij wie…
Rechtbank Amsterdam, 16 september 2019
ECLI:NL:RBAMS:2019:7143 · Rechtbank Amsterdam · 16 september 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-amsterdam/civiel-recht/civiel-recht-overig/wraking/ecli-nl-rbams-2019-7143
Zaakgegevens
Op 16 september 2019 heeft de Rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank AmsterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 16 september 2019
- Datum publicatie
- 27 september 2019
- Zaaknummer
- C/13/672280 HA RK 19/322
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- WrakingWrakingEen partij vraagt om een rechter van de zaak te halen, omdat zij twijfelt aan diens onpartijdigheid.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBAMS:2019:7143
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verzoek niet-ontvankelijk verklaard. Een wrakingsverzoek kan alleen gericht worden tegen een rechter bij wie de zaak in behandeling is. In dit geval was al uitspraak gedaan toen het wrakingsverzoek werd ingediend.
Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
Wrakingskamer
Beslissing op het schriftelijk gedane en onder zaak- en rekestnummer C/13/672280 HA RK 19/322 ingeschreven verzoek van:
[verzoekster] ,
wonende te [woonplaats] ,
verzoekster,
welk verzoek strekt tot wraking van mr. C.L.J.M. de Waal, kantonrechter te Amsterdam, hierna te noemen de rechter.
1 Verloop van de procedure
De Wrakingskamer heeft kennisgenomen van:
het door verzoekster op 12 september 2019 om 15:04 bij de wrakingskamer per e-mail ingediende verzoek tot wraking van de rechter.
2 De ontvankelijkheid van het verzoek
Bij de rechtbank was een zaak van verzoekster aanhangig met zaaknummer C/13/7557976 / HA RK 19/4520. In die zaak heeft de rechter op 9 september 2019 uitspraak gedaan.
In artikel 36 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is bepaald dat elk van de rechters die een zaak behandelen op verzoek van een partij kan worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Daarbij heeft als uitgangspunt te gelden dat de rechter krachtens zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen die zwaarwegende aanwijzingen opleveren voor het oordeel dat de rechter jegens een partij enige vooringenomenheid koestert, althans dat de vrees daarvoor objectief gerechtvaardigd is.
Verzoekster heeft aangevoerd dat zij het niet met de beslissing van de rechter eens is. Verzoekster heeft een sterke verdenking dat de beslissing van de rechter partijdig is geweest en dat de rechter zijn beslissing heeft afgestemd met zijn collega.
De wrakingskamer stelt voorop dat een wrakingsverzoek alleen gericht kan worden tegen de rechter bij wie een zaak in behandeling is. In dit geval heeft de rechter vonnis gewezen en heeft hij daardoor geen zaak van verzoekster meer in behandeling. Indien verzoekster het niet eens is met het vonnis kan zij overwegen in hoger beroep te gaan ingeval hoger beroep openstaat. In een wrakingsverzoek kan zij evident niet worden ontvangen. Een mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek kan achterwege blijven. Het verzoek dient dan ook, als kennelijk niet-ontvankelijk, te worden afgewezen.
Op grond van het voorgaande wordt beslist als volgt.
BESLISSING
De Wrakingskamer:
? verklaart verzoekster niet ontvankelijk in haar verzoek tot wraking van de rechter.
Aldus gegeven door mrs. N.C.H. Blankevoort, voorzitter, A.W.J. Ros en P.B. Martens, leden en in het openbaar uitgesproken op 16 september 2019 in tegenwoordigheid van de griffier.
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.