Europees strafrecht

Roemeens verzoek tot aanvullende toestemming verdere vervolging - verzoek geweigerd

Rechtbank Amsterdam, 11 oktober 2023

Zaakgegevens

Op 11 oktober 2023 heeft de Rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in een zaak over europees strafrecht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
11 oktober 2023
Datum publicatie
22 november 2023
Zaaknummer
13/192445-23 (AVT)
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2023:7393
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Roemeens verzoek tot aanvullende toestemming verdere vervolging - verzoek geweigerd

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13/192445-23 (AVT)

Datum beslissing: 11 oktober 2023

BESLISSING

op de vordering op grond van artikel 14, derde lid, Overleveringswet (hierna: OLW), ingediend door de officier van justitie bij deze rechtbank op 3 augustus 2023, strekkende tot het in behandeling nemen van een verzoek om toestemming te verlenen voor uitbreiding van de vervolging als bedoeld in artikel 14, eerste lid, aanhef en onder f, OLW. Dit verzoek is op 1 augustus 2023 ontvangen en ingediend door de Rechtbank Arges – strafrechtelijke afdeling (Roemenië) op en betreft:

[overgeleverde persoon]

geboren op [geboortedag] 1976 in [geboorteplaats] (Roemenië)

gedetineerd in [detentieplaats]

hierna te noemen: de overgeleverde persoon.

1 Beoordeling

Uit de stukken blijkt dat de rechten van de verdediging van de overgeleverde persoon zijn geëerbiedigd.

Het verzoek betreft feiten ten aanzien waarvan krachtens de OLW overlevering had kunnen worden toegestaan.

Het verzoek bevat echter niet alle gegevens als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van Kaderbesluit 2002/584/JBZ. Uit de stukken blijkt namelijk niet dat aan het verzoek tot vervolging een nationaal arrestatiebevel ten grondslag ligt.

Desgevraagd heeft de uitvaardigende autoriteit bij ongedateerde brief het volgende laten weten:

“Noch in het kader van het strafrechtelijke vervolgingsdossier nr. 535/P/2017 van het Openbaar Ministerie van de rechtbank van Arges, noch in het kader van dossier nr. 2024/109/2022 van de rechtbank van Arges is er een preventief aanhoudingsbevel uitgevaardigd tegen de beklaagde [overgeleverde persoon] , noch is er een soortgelijke beperkende of vrijheidsbenemende maatregel tegen hem genomen”.

Uit artikel 27, vierde lid in verbinding met artikel 8, eerste lid, aanhef en onder c, Kaderbesluit 2002/584/JBZ blijkt dat ook aan een verzoek om aanvullende toestemming een nationale rechterlijke beslissing in de zin van laatstgenoemde bepaling ten grondslag moet worden gelegd. Uit de reactie van de Roemeense autoriteiten blijkt dat er geen nationaal aanhoudingsbevel of een soortgelijk bevel is uitgevaardigd. Nu een nationaal aanhoudingsbevel ontbreekt zal de rechtbank het verzoek afwijzen.

2 Beslissing

De rechtbank:

WEIGERT toestemming voor uitbreiding van de vervolging van [overgeleverde persoon]

voor de feiten zoals vermeld in het verzoek.

Deze beslissing is genomen op 11 oktober 2023 door

mr. P. van Kesteren, voorzitter,

mrs. R.A. Sipkens en H.P. Kijlstra, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. H.L. van Loon, griffier,