Strafrecht overig

Mondelinge uitspraak politierechter.

Rechtbank Amsterdam, 10 mei 2017

Zaakgegevens

Op 10 mei 2017 heeft de Rechtbank Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
10 mei 2017
Datum publicatie
7 september 2017
Zaaknummer
13-013458-17
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2017:6509
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Mondelinge uitspraak politierechter.

Uitspraak

aantekening mondeling vonnis

RECHTBANK Amsterdam Locatie Amsterdam

Parketnummer: 13-013458-17

Uitspraak van de politierechter, mr. M.M.L.A.T. Doll, van woensdag 10 mei 2017, in de zaak tegen verdachte

[verdachte]

geboren op [geboortedatum] 1992 te [geboorteplaats]

adres [adres] , [woonplaats]

Tegenspraak

KWALIFICATIE:

T.a.v. feit 1 eerste cumulatief/alternatief: Mishandeling

T.a.v. feit 1 tweede cumulatief/alternatief: Mishandeling, meermalen gepleegd.

T.a.v. feit 2: Bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd.

T.a.v. feit 3: Opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat aan een ander toebehoort, beschadigen.

T.a.v. feit 4: Eenvoudige belediging, terwijl de belediging wordt aangedaan tegen een ambtenaar gedurende of terzake de rechtmatige uitoefening van zijn bediening.

GEPLEEGD:

T.a.v. feit 1 eerste cumulatief/alternatief: 22 januari 2017

T.a.v. feit 1 tweede cumulatief/alternatief, feit 2, feit 3, feit 4: 22 januari 2017

TOEGEPASTE ARTIKELEN:

Art. 14a, 14b, 14c, 24, 24c, 36f, 57, 267, 285, 300 en 385 Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING:

T.a.v. feit 1 eerste cumulatief/alternatief, feit 1 tweede cumulatief/alternatief, feit 2. feit 3, feit 4

Een taakstraf voor de duur van 180 uren, subsidiair 90 dagen hechtenis, waarvan 30 uren, subsidiair 15 dagen hechtenis, voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren.

Deze taakstraf bestaat uit het verrichten van onbetaalde arbeid.

Stelt als algemene voorwaarde dat veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit.

Beslissing op de vordering van de benadeelde partij:

T.a.v feit 1 eerste cumulatief/alternatief:

Wijst de vordering van de benadeelde partij toe en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij, [slachtoffer] , wonende op het adres [adres slachtoffer] , [plaats] , van een bedrag van € 2.320,53 (tweeduizenddriehonderdtwintig euro en drieënvijftig cent), bestaande uit een bedrag van € 970,53 aan materiële schade en een bedrag van € 1.350,- aan immateriële schade. Een en ander te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade tot aan de dag van de algehele voldoening.

Bepaalt dat de benadeelde partij in het overige deel van de vordering niet ontvankelijk is.

Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil.

Veroordeelt verdachte verder in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.

Een maatregel van schadevergoeding ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer] :

T.a.v feit 1 eerste cumulatief/alternatief:

Legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer, [slachtoffer] , van een bedrag ter hoogte van € 2320,53(tweeduizenddriehonderdtwintig euro en drieënvijftig cent), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 33 dagen vervangende hechtenis. De toepassing van deze vervangende straf heft de hiervoor genoemde betalingsverplichting niet op.

Voormeld bedrag bestaat uit € 970,53 materiële schade en € 1.350,- immateriële schade. Een en ander te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 21 januari 2017 tot aan de dag der algehele voldoening.

Verdachte is van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade.