Strafrecht overig
De rechtbank overweegt dat de verklaringen van [naam eerste meisje] en [naam tweede meisje] en hun broertje…
Rechtbank Assen, 11 december 2007
ECLI:NL:RBASS:2007:BC0084 · Rechtbank Assen · 11 december 2007
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-assen/strafrecht/strafrecht-overig/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rbass-2007-bc0084
Zaakgegevens
Op 11 december 2007 heeft de Rechtbank Assen in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank AssenRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 11 december 2007
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 19.605124-07
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBASS:2007:BC0084
Samenvatting
De rechtbank overweegt dat de verklaringen van [naam eerste meisje] en [naam tweede meisje] en hun broertje [naam broertje] zozeer uiteenlopen dat de rechtbank daaruit geen eenduidige toedracht van de gebeurtenissen heeft kunnen reconstrueren. Daarbij speelt een rol dat er aanwijzingen zijn voor "collaborative story telling".
De rechtbank heeft uit de wettige bewijsmiddelen dan ook niet de overtuiging kunnen verkrijgen dat de verdachte het hem tenlastegelegde heeft begaan, zodat verdachte daarvan dient te worden vrijgesproken.
Uitspraak
RECHTBANK ASSEN
Sector strafrecht
Parketnummer: 19/605124-07
vonnis van de meervoudige kamer d.d. 11 december 2007 in de zaak van het openbaar ministerie tegen:
[naam verdachte],
geboren te [geboorteplaats verdachte] op [geboortedatum verdachte] 1966,
wonende te [adres verdachte].
Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgehad op 21 augustus 2007 en 27 november 2007.
De verdachte is verschenen ter terechtzitting van 27 november 2007 en werd bijgestaan door mr. J.B. Pieters, advocaat te Hoogeveen.
De officier van justitie, mr. G.C. Bruins Slot, acht hetgeen is tenlastegelegd wettig en overtuigend bewezen en vordert dat de rechtbank als volgt zal beslissen: 240 uur taakstraf, bestaande uit een werkstraf, subsidiair 120 dagen hechtenis, onder aftrek van voorarrest, en zes maanden voorwaardelijke gevangenisstraf met een proeftijd van twee jaren.
Tenlastelegging
De verdachte is bij dagvaarding tenlastegelegd, dat hij in of omstreeks de periode 25 augustus 2006 tot en met 1 september 2006 te Erm, gemeente Coevorden, met [naam slachtoffer], geboren op [geboortedatum slachtoffer] 1999, en/of met [naam slachtoffer], geboren op [geboortedatum slachtoffer] 1997, die beiden toen de leeftijd van zestien jaren nog niet hadden bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, immers heeft verdachte ontuchtig (van) die [naam eerste slachtoffer] haar bikini(broekje) opzij gedaan, zodat haar vagina (voor hem) zichtbaar werd en/of haar (boven)benen, liesstreek, billen en/of vagina ingesmeerd met zalf, althans met een of meer vingers aangeraakt, en/of (van) die [naam tweede slachtoffer] haar badpak opzij gedaan, zodat haar vagina (voor hem) zichtbaar werd en/of haar (boven)benen, liesstreek, schaamhaar en/of vagina ingesmeerd met zalf, althans met een of meer vingers aangeraakt.
Vrijspraak
De verdachte dient van het tenlastegelegde te worden vrijgesproken, omdat de rechtbank dit niet wettig en overtuigend bewezen acht.
De rechtbank overweegt daartoe dat de verklaringen van [naam eerste meisje] en [naam tweede meisje] en hun broertje [naam broertje] zozeer uiteenlopen dat de rechtbank daaruit geen eenduidige toedracht van de gebeurtenissen heeft kunnen reconstrueren. Daarbij speelt een rol dat er aanwijzingen zijn voor "collaborative story telling".
De rechtbank heeft uit de wettige bewijsmiddelen dan ook niet de overtuiging kunnen verkrijgen dat de verdachte het hem tenlastegelegde heeft begaan, zodat verdachte daarvan dient te worden vrijgesproken.
Beslissing van de rechtbank
De rechtbank verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte is tenlastegelegd en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.E. Münzebrock, voorzitter, en mr. A. Rombouts-Nieuwstraten en mr. H. de Wit, rechters, in tegenwoordigheid van J. Hoogeveen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de rechtbank op dinsdag 11 december 2007.