Bestuursrecht overig
Het griffierecht is niet betaald. Verzoek om een voorlopige voorziening is niet ontvankelijk.
Rechtbank Den Haag, 27 juli 2023
ECLI:NL:RBDHA:2023:11331 · Rechtbank Den Haag · 27 juli 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/voorlopige-voorziening/ecli-nl-rbdha-2023-11331
Zaakgegevens
Op 27 juli 2023 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 27 juli 2023
- Datum publicatie
- 31 juli 2023
- Zaaknummer
- 23/4099
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursrecht overig
- Procedure
- Voorlopige voorzieningVoorlopige voorzieningEen tijdelijke maatregel van de voorzieningenrechter, bijvoorbeeld het schorsen van een besluit, zolang bezwaar of beroep loopt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2023:11331
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Het griffierecht is niet betaald. Verzoek om een voorlopige voorziening is niet ontvankelijk.
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Bestuursrecht
zaaknummer: SGR 23/4099
uitspraak van de voorzieningenrechter van 27 juli 2023 in de zaak tussen
[verzoeker], uit [woonplaats], verzoeker,
en
het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer, verweerder.
Inleiding
Bij besluit van 2 juni 2023 heeft verweerder een ontheffing verleend voor de Vierde Stationsstraat in Zoetermeer.
Verzoeker heeft hiertegen bezwaar gemaakt en de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
1. Iemand die een verzoek om voorlopige voorziening indient, moet griffierecht betalen. Als het griffierecht niet of niet tijdig wordt betaald, verklaart de voorzieningenrechter het verzoek niet-ontvankelijk. Dat is alleen anders als het niet of niet tijdig betalen van het griffierecht betrokkene niet kan worden toegerekend.
2. Bij aangetekende nota van 16 juni 2023 is verzoeker verzocht om het griffierecht te betalen, en is aangegeven dat als verzoeker de nota niet binnen twee weken betaalt, het verzoek niet-ontvankelijk zal worden verklaard. De voorzieningenrechter constateert dat het verschuldigde griffierecht door verzoeker niet is voldaan en dat de termijn om dit te doen inmiddels is verstreken. Ook heeft verzoeker geen reden aangedragen waarom hij heeft nagelaten het griffierecht te betalen. Vanwege het uitblijven van de betaling verklaart de voorzieningenrechter het verzoek niet-ontvankelijk.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om een voorlopige voorziening
niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. Mr. G.P. Kleijn, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M.H.T. van Bruggen, griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 27 juli 2023.
|
griffier |
voorzieningenrechter |
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op: