Bestuursrecht overig

Het verzoek is niet ontvankelijk want verzoeker heeft het griffierecht niet voldaan

Rechtbank Den Haag, 8 september 2023

Zaakgegevens

Op 8 september 2023 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Den Haag
Datum uitspraak
8 september 2023
Datum publicatie
19 september 2023
Zaaknummer
23/4890
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2023:14125
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Het verzoek is niet ontvankelijk want verzoeker heeft het griffierecht niet voldaan

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Bestuursrecht

zaaknummer: SGR 23/4890


uitspraak van de voorzieningenrechter van 8 september 2023 in de zaak tussen


mr. [verzoeker] , uit [woonplaats] , verzoeker

en

de belastingdienst 's-Gravenhage, verweerder.

Inleiding

Met het besluit van 15 juni 2022 heeft verweerder het verzoek van verzoeker om inzage van zijn in de FSV geregistreerde gegevens afgewezen.

Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen dit besluit.

Verweerder is met het besluit van 17 januari 2023 op het bezwaar van verzoeker bij haar eerdere besluit gebleven.

Verzoeker heeft beroep ingesteld en een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

1. Omdat het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk is doet de voorzieningenrechter uitspraak zonder zitting. Artikel 8:83, derde lid, van de Awb maakt dat mogelijk. De voorzieningenrechter legt hierna uit waarom het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk is.

2. Iemand die een verzoek om voorlopige voorziening indient, moet griffierecht betalen. Als het griffierecht niet of niet tijdig wordt betaald, verklaart de voorzieningenrechter het verzoek niet-ontvankelijk. Dat is alleen anders als het niet of het niet tijdig betalen van het griffierecht betrokkene niet kan worden toegerekend.

3. Bij aangetekende nota van 25 juli 2023 is verzoeker verzocht om het griffierecht te betalen, en is aangegeven dat als verzoeker de nota niet binnen twee weken betaalt, het verzoek niet-ontvankelijk zal worden verklaard.

4. De voorzieningenrechter stelt vast dat het verschuldigde griffierecht door verzoeker niet is voldaan en dat de termijn om dit te doen inmiddels is verstreken. Ook heeft verzoeker geen reden aangedragen waarom hij heeft nagelaten het griffierecht te betalen. Vanwege het uitblijven van de betaling verklaart de voorzieningenrechter het verzoek niet-ontvankelijk. Het door verzoeker ingestelde beroep met het zaaknummer SGR AWB 23/2504 wordt wel voortgezet.

Beslissing

De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.J.P. Bosman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M.H.T. van Bruggen, griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 8 september 2023.

griffier

voorzieningenrechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Fraude Signalering Voorziening. Algemene wet bestuursrecht. Artikel 8:82, derde lid, van de Awb in samenhang met artikel 8:41, zesde lid, van de Awb.