Bestuursrecht overig

Verzoek is niet ontvankelijk want verzoeker heeft het griffierecht niet voldaan.

Rechtbank Den Haag, 8 september 2023

Zaakgegevens

Op 8 september 2023 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Den Haag
Datum uitspraak
8 september 2023
Datum publicatie
19 september 2023
Zaaknummer
23/5185
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2023:14128
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Verzoek is niet ontvankelijk want verzoeker heeft het griffierecht niet voldaan.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Bestuursrecht

zaaknummer: SGR 23/5185


uitspraak van de voorzieningenrechter van 8 september 2023 in de zaak tussen


stichting Westlandse Schaapskudde, uit Naaldwijk, verzoekster

en

de minister Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, verweerder.

Inleiding

Bij besluit van 25 juli 2023 heeft verweerder op grond van de Woo een aantal documenten openbaar gemaakt.

Verzoekster heeft hiertegen bezwaar gemaakt en een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

1. Omdat het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk is doet de voorzieningenrechter uitspraak zonder zitting. Artikel 8:83, derde lid, van de Awb maakt dat mogelijk. De voorzieningenrechter legt hierna uit waarom het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk is.

2. Iemand die een verzoek om voorlopige voorziening indient, moet griffierecht betalen. Als het griffierecht niet of niet tijdig wordt betaald, verklaart de voorzieningenrechter het verzoek niet-ontvankelijk. Dat is alleen anders als het niet of niet tijdig betalen van het griffierecht betrokkene niet kan worden toegerekend.

3. Bij aangetekende nota van 8 augustus 2023 is verzoekster verzocht om het griffierecht te betalen, en is aangegeven dat als verzoekster de nota niet binnen twee weken betaalt, het verzoek niet-ontvankelijk zal worden verklaard. De voorzieningenrechter constateert dat het verschuldigde griffierecht door verzoeker niet is voldaan en dat de termijn om dit te doen inmiddels is verstreken. Ook heeft verzoekster geen reden aangedragen waarom zij heeft nagelaten het griffierecht te betalen. Vanwege het uitblijven van de betaling verklaart de voorzieningenrechter het verzoek niet-ontvankelijk.

4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om een voorlopige voorziening
niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.J.P. Bosman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M.H.T. van Bruggen, griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 8 september 2023.

griffier

voorzieningenrechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Wet open overheid. de Algemene wet bestuursrecht. Artikel 8:82, derde lid, van de Awb in samenhang met artikel 8:41, zesde lid, van de Awb.