Vreemdelingenrecht

Het verzoek om een voorlopige voorziening is afgewezen, omdat op het beroep is beslist.

Rechtbank Den Haag, 4 juli 2023

Zaakgegevens

Op 4 juli 2023 heeft de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Utrecht
Datum uitspraak
4 juli 2023
Datum publicatie
13 juli 2023
Zaaknummer
NL23.17219
Procedure
Mondelinge uitspraak
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2023:10233
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Het verzoek om een voorlopige voorziening is afgewezen, omdat op het beroep is beslist.

Uitspraak

proces-verbaal uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL23.17219

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker] , verzoeker V-nummer: [V-nummer] ,

en

de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigden: F. van de Kamp en R. Hopman).

Procesverloop

In het besluit van 12 juni 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling genomen op de grond dat Zwitserland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.

Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.

De gemachtigde van verzoeker heeft zich onttrokken aan de zaak van verzoeker.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de zaak NL23.17218, op 4 juli 2023 op zitting behandeld. Eiser is niet verschenen. Verweerder is, met voorafgaand bericht, niet verschenen.

Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de voorzieningenrechter onmiddellijk ter zitting uitspraak gedaan.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Overwegingen

1. De rechtbank geeft hiervoor de volgende motivering.

3. In de uitspraak van vandaag, zaaknummer NL23.17218, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 4 juli 2023 door mr. J.J. Catsburg, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S. Westerhof, griffier.

Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op:

12 juli 2023

[afbeelding niet beschikbaar]

Documentcode: [documentcode]

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.