Vreemdelingenrecht
mondelinge uitspraak, met onbekende bestemming vertrokken, niet-ontvankelijk
Rechtbank Den Haag, 2 november 2023
ECLI:NL:RBDHA:2023:16533 · Rechtbank Den Haag · 2 november 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/mondelinge-uitspraak/ecli-nl-rbdha-2023-16533
Zaakgegevens
Op 2 november 2023 heeft de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Groningen
- Datum uitspraak
- 2 november 2023
- Datum publicatie
- 2 november 2023
- Zaaknummer
- NL23.27206
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Mondelinge uitspraakMondelinge uitspraakDe rechter doet direct aan het eind van de zitting uitspraak; die wordt vastgelegd in een proces-verbaal.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2023:16533
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
mondelinge uitspraak, met onbekende bestemming vertrokken, niet-ontvankelijk
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.27206
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] , eiser,
geboren op [geboortedatum] ,
van Algerijnse nationaliteit,
V-nummer: [nummer] ,
(gemachtigde: mr. W. Spijkstra),
en
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
(gemachtigde: mr. J.D. Alberda).
Procesverloop
Bij besluit van 1 september 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser van 21 december 2022 tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
De rechtbank heeft het beroep, tezamen met de zaak NL23.27207, op 31 oktober 2023 op zitting behandeld. Eiser heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.
Beslissing
De rechtbank:
-
verklaart het beroep niet-ontvankelijk;
-
voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Overwegingen
De rechtbank geeft hiervoor de volgende motivering.
1. Eiser stelt van Algerijnse nationaliteit te zijn en te zijn geboren op 25 oktober 1995. Op 21 december 2022 heeft eiser onderhavige asielaanvraag ingediend.
2. Op 7 september 2023 heeft verweerder, onder verwijzing naar een bijlage van het COA bericht dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken sinds 4 september 2023 en dat niet is gebleken dat hij zich inmiddels weer heeft gemeld. Verweerder heeft zich daarom op het standpunt gesteld dat geen sprake meer is van procesbelang bij de onderhavige procedure.
3. Op 29 oktober 2023 is de gemachtigde van eiser om een reactie gevraagd op het schrijven van 7 september 2023.
4. De gemachtigde van eiser heeft op 29 oktober 2023 bericht dat eiser niet in het bezit is van een telefoon waardoor communicatie moeilijk is en dat hij niet weet waar eiser verblijft. Ook is vermeld dat eiser de gemachtigde heeft verzocht om beroep in te stellen tegen het besluit van 1 september 2023 en dat hij het beroep dient voort te zetten.
5. Ter zitting is door de gemachtigde van verweerder, desgevraagd, bericht dat ook na de melding van 7 september 2023 niks meer van eiser is vernomen. De gemachtigde van eiser gaf, desgevraagd, ook aan niks meer vernomen te hebben van eiser.
6. Indien een vreemdeling die in Nederland bescherming heeft gevraagd met onbekende bestemming vertrekt zonder aan verweerder te laten weten waar hij verblijft, dient er in beginsel vanuit te worden gegaan dat die vreemdeling geen prijs meer stelt op de door hem aanvankelijk gezochte bescherming in Nederland. Dit is slechts anders als een vreemdeling laat weten dat hij contact met zijn gemachtigde onderhoudt en dus nog prijs stelt op deze bescherming. Dit impliceert dat de gemachtigde weet dat een vreemdeling nog in Nederland verblijft, waar hij verblijft en met de vreemdeling contact heeft over de verdere voortgang van de procedure en de keuzes die in dit kader moeten worden gemaakt.
7. Gebleken is dat eiser sinds 4 september 2023 met onbekende bestemming is vertrokken. De rechtbank stelt vast dat het voor de gemachtigde van eiser na de melding van 7 september 2023 onduidelijk is waar eiser is, dat de gemachtigde geen bericht van eiser heeft gekregen en zelf geen contact met hem kan leggen. Communicatie met eiser blijkt niet moeilijk omdat hij niet in het bezit is van een telefoon. Voor verweerder is het ook onduidelijk waar eiser verblijft, aangezien ook bij verweerder na de desbetreffende melding niks meer is vernomen van eiser.. Onder deze omstandigheden is de rechtbank van oordeel dat eiser kennelijk geen prijs meer stelt op de door hem gezochte bescherming in Nederland, op grond waarvan er geen procesbelang meer bestaat bij het voeren van de onderhavige procedure. Dat de gemachtigde van eiser het beroep toch wil doorzetten omdat eiser aanvankelijk, voordat hij met onbekende bestemming is vertrokken, had aangegeven de beroepsprocedure te willen voeren, is gelet al op het voorgaande niet doorslaggevend om op grond daarvan procesbelang aan te nemen.
8. Vanwege het ontvallen van procesbelang gedurende deze beroepsprocedure, is het beroep niet-ontvankelijk.
9. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 31 oktober 2023 door mr. N.M. van Waterschoot, rechter, in aanwezigheid van mr. F. Aissa, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal.