Vreemdelingenrecht
Rechtbank Den Haag · Proceskostenveroordeling · Vreemdelingenrecht
Rechtbank Den Haag, 15 augustus 2024
ECLI:NL:RBDHA:2024:12907 · Rechtbank Den Haag · 15 augustus 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/proceskostenveroordeling/ecli-nl-rbdha-2024-12907
Zaakgegevens
Op 15 augustus 2024 heeft de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Groningen
- Datum uitspraak
- 15 augustus 2024
- Datum publicatie
- 15 augustus 2024
- Zaaknummer
- NL24.5547
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- ProceskostenveroordelingProceskostenveroordelingDe partij die de zaak verliest, moet (een deel van) de proceskosten van de andere partij betalen.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2024:12907
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
beroep niet tijdig, pkv
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.5547
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], verzoeker,
geboren op [geboortedatum],
van Syrische nationaliteit,
v-nummer: [nummer],
(gemachtigde: mr. I.M. Zuidhoek),
en
de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, de minister.
Procesverloop
Verzoeker heef op 14 februari 2024 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 1 februari 2022.
Bij besluit van 2 mei 2024 heeft de minister de asielaanvraag van verzoeker afgewezen.
Verzoeker heeft vervolgens op 2 juli 2024 het beroep tegen het niet tijdig beslissen ingetrokken en verzocht om een vergoeding van de proceskosten.
Overwegingen
1. De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.
2. De veroordeling van een partij in de proceskosten is geregeld in de artikelen 8:75 en 8:75a van de Awb en nader uitgewerkt in het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb).
3. Als een beroep wordt ingetrokken, omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoet gekomen, kan de rechtbank op verzoek van de indiener dat bestuursorgaan bij afzonderlijke uitspraak veroordelen in de proceskosten. Dat is geregeld in artikel 8:75a van de Awb.
4. Gelet op de gedingstukken en het hiervoor weergegeven procesverloop is de minister tegemoet gekomen aan het beroep van verzoeker.
5. De rechtbank stelt vast dat de minister bij brief van 17 juli 2024 heeft aangegeven bereid te zijn de proceskosten aan verzoeker te vergoeden.
6. De rechtbank zal daarom de minister veroordelen in de proceskosten tot een bedrag van € 437,50 (1 punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 875,-, bij een wegingsfactor 0,5).
Beslissing
De rechtbank:
- veroordeelt de minister in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 437,50.
Deze uitspraak is gedaan door mr. H. Hanssen Telman, rechter, in aanwezigheid van
mr. B.A. Smit, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
Deze uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.