Civiel recht overig

Verzoekschrift voorlopig getuigenverhoor. Door het Gerechtshof Den Haag is op 1 december 2020 bepaald dat er…

Rechtbank Den Haag, 23 februari 2021

Zaakgegevens

Op 23 februari 2021 heeft de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Den Haag
Datum uitspraak
23 februari 2021
Datum publicatie
16 november 2023
Zaaknummer
C/09/603558 / HA RK 20-527
Procedure
Rekestprocedure
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2021:17293
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Verzoekschrift voorlopig getuigenverhoor.

Door het Gerechtshof Den Haag is op 1 december 2020 bepaald dat er een voorlopig getuigenverhoor zal worden gehouden met betrekking tot de bemoeienis van het openbaar ministerie met de contacten tussen verzoeker en de Raad voor de Kinderbescherming en Veilig Thuis Haaglanden. De zaak is ter verdere afhandeling verwezen naar deze rechtbank.

De rechtbank heeft een datum bepaald voor het horen van de getuigen.

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]beschikking

RECHTBANK DEN HAAG

Team handel

zaaknummer / rekestnummer: C/09/603558 / HA RK 20-527

Beschikking van 23 februari 2021

in de zaak van

[verzoeker] ,

wonende te Den Haag,

verzoeker,

advocaat mr. M.Ch. Kaaks te Amsterdam

en

STAAT DER NEDERLANDEN

(MININISTERIE VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID/RAAD VOOR DE KINDERBESCHERMING),

zetelend te Den Haag,

belanghebbende,

advocaat mr. A.Th.M. ten Broeke te Den Haag.

1 Het verzoek en de beoordeling

De rechtbank heeft kennis genomen van de beschikking van het Gerechtshof Den Haag van 1 december 2020 waarin is bepaald dat een voorlopig getuigenverhoor zal worden gehouden met betrekking tot de bemoeienis van het openbaar ministerie met de contacten tussen [verzoeker] en de Raad voor de Kinderbescherming en Veilig Thuis Haaglanden. De zaak is ter verdere afhandeling verwezen naar deze rechtbank.

De rechtbank zal, gelet op de inhoud van voormelde beschikking van het Gerechtshof Den Haag, een datum bepalen waarop het voorlopig getuigenverhoor zal plaatsvinden en een rechter benoemen ten overstaan van wie het verhoor zal worden gehouden.

Aangezien de praktijk uitwijst dat met het horen van meer dan vijf getuigen doorgaans geen redelijk doel wordt gediend, zal de rechtbank het aantal door de verzoeker voorgedragen getuigen in eerste instantie beperken tot vijf. Mocht verzoeker na het verhoor van deze vijf getuigen van mening zijn dat het horen van nog enkele getuigen noodzakelijk is, dan dient hij dit schriftelijk en gemotiveerd aan de rechter voor wie de verhoren plaatsvinden, met afschrift aan de wederpartij, mede te delen.

Bij het oproepen van de getuigen moet er rekening mee worden gehouden dat het verhoor van een getuige gemiddeld 60 minuten duurt. De namen en woonplaatsen van de getuigen en de tijdstippen waartegen zij zijn opgeroepen, dienen ten minste een week voor het verhoor aan de wederpartij en aan de griffier van de rechtbank te worden opgegeven.

2 De beslissing

De rechtbank:

bepaalt dat het verhoor van vijf getuigen ten overstaan van mr. M.C. Ritsema van Eck-van Drempt zal plaatsvinden in het paleis van justitie te Den Haag aan Prins Clauslaan 60 op vrijdag 16 april 2021 vanaf 13:00 uur.

Deze beschikking is gegeven door mr. H.J. Vetter en in het openbaar uitgesproken op 23 februari 2021.

type: 206 coll: