Strafrecht overig

Parkeren in een groenstrook. Op de betreffende locatie bevinden zich gras en een boom. Er ligt een…

Rechtbank Den Haag, 19 februari 2025

Zaakgegevens

Op 19 februari 2025 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Den Haag
Datum uitspraak
19 februari 2025
Datum publicatie
21 maart 2025
Zaaknummer
11233197 MB VERZ 24-21516
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:4681
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Parkeren in een groenstrook. Op de betreffende locatie bevinden zich gras en een boom. Er ligt een trottoirband tussen de parkeerplaatsen en de begroeiing. Ook staat er een paaltje. Voor de gemiddelde weggebruiker doet de locatie dan ook aan als een groenstrook. De kantonrechter gaat er ook van uit dat de groenstrook door de gemeente wordt onderhouden. De gedraging kan daarmee worden vastgesteld.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Zittingsplaats Gouda

CJIB-nummer: [nummer]

Registratienummer team straf: 11233197 MB VERZ 24-21516

Uitspraakdatum : 19 februari 2025

Beslissing van de kantonrechter, tevens houdende het opgemaakte proces-verbaal van de zitting

in de zaak van

[naam]

wonende dan wel gevestigd te: [postcode] [plaats]

[adres] , nader ook te noemen: betrokkene.

Gemachtigde: mr. A.H. Vermeulen

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond dan wel niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is beroep ingesteld bij de kantonrechter.

De zaak is behandeld op de zitting van 19 februari 2025. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene en gemachtigde zijn ter zitting verschenen.

Overwegingen

Verkeersboete

Het gaat om een bedrag van € 229,00 (inclusief administratiekosten) voor niet zoveel mogelijk rechts houden op een autosnelweg.

Beroepsgronden en standpunten

De beroepsgronden houden in de kern het volgende in. Betrokkene stelt dat hij op de tweede rijstrook van rechts een auto had ingehaald en nog bezig was om een volgende auto in te halen. Hij was redelijkerwijs niet verplicht om intussen naar de meest rechter baan te gaan.

De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft ter zitting voorgesteld het beroep deels gegrond te verklaren. De vertegenwoordiger heeft daarover in het bijzonder aangevoerd dat hoewel de gedraging kan worden vastgesteld, in deze zaak zowel de hoorplicht is geschonden als de redelijke termijn is overschreden. Om die reden verzoekt de vertegenwoordiger de rechter om tweemaal een korting van 25% toe te passen op de sanctie.


Oordeel

Het beroep is gedeeltelijk gegrond.

Daartoe overweegt de kantonrechter het volgende. De verbalisant heeft in zijn verklaring beschreven dat de meest rechter baan vrij was en dat hij betrokkene heeft aangegeven dat hij naar rechts moest verplaatsen. Er is geen reden om aan de waarneming van de verbalisant te twijfelen.

De kantonrechter constateert dat de redelijke termijn van berechting bij de kantonrechter is overschreden. De lange duur van de procedure is niet aan betrokkene toe te rekenen. De kantonrechter zal het sanctiebedrag dan ook matigen met 25% gelet op het arrest van het hof Arnhem-Leeuwarden van 28 juli 2023 (ECLI:NL:GHARL:2023:6369). Dit komt neer op een matiging tot € 165,00, exclusief administratiekosten.

Voorts stelt de kantonrechter vast dat de hoorplicht is geschonden en dat dit gezien het arrest van het hof Arnhem-Leeuwarden van 22 november 2022 (ECLI:NL:GHARL:2022:9934) leidt tot een verdere matiging tot € 123,75, exclusief administratiekosten.

Vervolgens dient de kantonrechter te beoordelen of er bijzondere omstandigheden zijn waardoor de boete nog verder gematigd moet worden. Hoewel de kantonrechter ervan uitgaat dat de meest rechterrijstrook vrij was en betrokkene dus strikt genomen daar moest gaan rijden, vindt hij het aannemelijk dat betrokkene nog bezig was een volgende auto in te halen. Uit het dossier blijkt onvoldoende dat betrokkene daardoor het overige verkeer hinderde. Om die reden matigt de kantonrechter de boete tot nihil (€ 0,00).

Beslissing:

De kantonrechter:

  • verklaart het beroep gedeeltelijk gegrond;

  • wijzigt, met vernietiging van de beslissing van de officier van justitie zoverre, dat de boete wordt gematigd tot nihil (€ 0,00);

  • bepaalt dat het bedrag dat betrokkene aan zekerheid heeft gesteld door de officier van justitie wordt terugbetaald.

Deze uitspraak is gedaan door mr. W.R. van Hattum, kantonrechter, bijgestaan door

D.C. Carsten, griffier en in het openbaar uitgesproken.

De griffier De kantonrechter

Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:

a. de u opgelegde administratieve sanctie meer dan € 110,00 bedraagt, of

b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.

Het beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Den Haag, Team Straf en dient door degene die het beroep heeft ingesteld of door zijn gemachtigde te zijn ondertekend.

De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.