Civiel recht overig
Verzoeker niet-ontvankelijk in wrakingsverzoek nu het verzoek niet is ondertekend door de verplichte…
Rechtbank Gelderland, 3 april 2018
ECLI:NL:RBGEL:2018:1554 · Rechtbank Gelderland · 3 april 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-gelderland/civiel-recht/civiel-recht-overig/wraking/ecli-nl-rbgel-2018-1554
Zaakgegevens
Op 3 april 2018 heeft de Rechtbank Gelderland uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank GelderlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Arnhem
- Datum uitspraak
- 3 april 2018
- Datum publicatie
- 6 april 2018
- Zaaknummer
- C/05/335374/KG RK 18/324
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- WrakingWrakingEen partij vraagt om een rechter van de zaak te halen, omdat zij twijfelt aan diens onpartijdigheid.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBGEL:2018:1554
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verzoeker niet-ontvankelijk in wrakingsverzoek nu het verzoek niet is ondertekend door de verplichte proces-vertegenwoordiger.
Uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]beschikking
RECHTBANK GELDERLAND
Wrakingskamer
zaaknummer: C/05/335374 KG RK 18/324.
Beschikking van 3 april 2018
van de meervoudige wrakingskamer van de rechtbank op het verzoek van
[verzoeker],
wonende te [adres],
verzoeker tot wraking,
strekkende tot wraking van
mr. K.A. Boshouwers,
rechter in deze rechtbank,
hierna te noemen: de rechter.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit het schriftelijke wrakingsverzoek van 4 maart 2018.
2 Het wrakingsverzoek
Het verzoek strekt tot wraking van de rechter als rechter in de zaak met nummer C/05/321567 ES RK 17/351 tussen verzoeker en [naam 1].
Verzoeker heeft blijkens het schriftelijke verzoek aan zijn verzoek ten grondslag gelegd dat mr. Boshouwers tijdens de terechtzitting een vooringenomen houding heeft aangenomen waardoor van een objectieve behandeling geen sprake meer kan zijn.
3 De beoordeling
Volgens artikel 36 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) kan een rechter gewraakt worden op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke partijdigheid schade zou kunnen leiden. Dit verzoek geschiedt op grond van art. 37 lid 2 Rv schriftelijk. In procedures als die waarin verzoeker partij is, is sprake van verplichte procesvertegenwoordiging (art. 79 lid 2 Rv). In zaken waarbij personen niet in persoon kunnen procederen, worden conclusies en akten ondertekend door de advocaat (art. 83 lid 2 Rv). Dit geldt daarmee ook voor een conclusie (verzoek) tot wraking. Het wrakingsverzoek is niet ondertekend door een advocaat en voldoet derhalve niet aan de vereisten voor het indienen van een dergelijk verzoek. Verzoeker is hierop gewezen en in de gelegenheid gesteld om uiterlijk 23 maart 2018 een wrakingsverzoek in te dienen dat door de advocaat van verzoeker althans een advocaat is ondertekend. Verzoeker heeft van die gelegenheid geen gebruik gemaakt, zodat het verzuim niet is hersteld. Nu het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk is, wordt het onderhavige verzoek niet in behandeling genomen.
4 De beslissing
De rechtbank verklaart [verzoeker] niet-ontvankelijk in zijn wrakingsverzoek.
Deze beschikking is gegeven door de mrs. F.M.T. Quaadvliet (voorzitter), M.J. van Lee en G.W.B. Heijmans, in tegenwoordigheid van de griffier [naam griffier] en in het openbaar uitgesproken op 3 april 2018.
Bij afwezigheid van de voorzitter getekend door mr. G.W.B. Heijmans.
- griffier rechter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.