Civiel recht overig

Wrakingsverzoek gedaan na een mondeling vonnis. Verzoeker is niet-ontvankelijk.

Rechtbank Gelderland, 1 augustus 2025

Zaakgegevens

Op 1 augustus 2025 heeft de Rechtbank Gelderland uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
1 augustus 2025
Datum publicatie
5 augustus 2025
Zaaknummer
C\05\454415 KG RK 25-573
Procedure
Wraking
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2025:6452
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Wrakingsverzoek gedaan na een mondeling vonnis. Verzoeker is niet-ontvankelijk.

Uitspraak

beslissing

RECHTBANK GELDERLAND, locatie Arnhem

Wrakingskamer

zaaknummer: C/05/454415 / KG RK 25-573

Beslissing van 1 augustus 2025

van de wrakingskamer van de rechtbank op het verzoek van

[verzoeker] ,

wonende in [woonplaats] ,

hierna te noemen: verzoeker,

strekkende tot de wraking van

mr. S.J. Peerdeman,

rechter in deze rechtbank,

hierna te noemen: de rechter.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • het proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van 15 juli 2025 waarin aansluitend het mondelinge wrakingsverzoek en de gronden daartoe zijn opgenomen;

  • de brief van verzoeker van 15 juli 2025, bij de rechtbank binnengekomen op 16 juli 2025, met, onder meer, een nadere uiteenzetting van zijn wrakingsgronden.

2 Het wrakingsverzoek

2.1

Het verzoek strekt tot wraking van de rechter in de zaak

met nummer C/05/442735 / HA ZA 24-532 tussen verzoeker en [belanghebbende] in zijn hoedanigheid als voorzitter van het […] .

2.2

Verzoeker heeft blijkens het proces-verbaal van de mondelinge uitspraak, nadat het vonnis was uitgesproken, verklaard dat hij de rechtbank wraakt. Hierbij heeft hij toen het volgende aan zijn verzoek ten grondslag gelegd. De rechtbank zou haar taak niet uitvoeren. De rechtbank had moeten ingaan op het stuk waarin verzoeker de rechter als trustee heeft aangesteld en de griffier als curator. Bovendien heeft de rechtbank volgens verzoeker zijn zaak ten onrechte naar de bestuursrechter verwezen, terwijl dit volgens hem een civiele handelszaak is. Tevens zou verzoeker het vonnis buitengerechtelijk hebben vernietigd.

3 De beoordeling

3.1.

Het verzoek is gedaan nadat de rechter in de hoofdzaak mondeling einduitspraak heeft gedaan. De wet voorziet echter niet in de mogelijkheid van wraking nadat einduitspraak is gedaan. Om die reden kan verzoeker niet in het wrakingsverzoek worden ontvangen. Voor een behandeling van het verzoek ter terechtzitting bestaat geen reden. Het in de wet opgenomen recht op een mondelinge behandeling is door de wetgever bedoeld voor het debat over de gegrondheid van het verzoek, maar aan dat debat wordt gezien het vorenstaande niet toegekomen.

4 De beslissing

De wrakingskamer van de rechtbank verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in het verzoek tot wraking.

Deze beslissing is gegeven door mr. E. Schippers, voorzitter, mr. C.H. van Breevoort-de Bruin en mr. M.J.H. Schuurman, leden, in tegenwoordigheid van de griffier mr. [griffier] en in openbaar uitgesproken op 1 augustus 2025.

de griffier de voorzitter

Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.