Bestuursrecht overig
Verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk. Connexiteitsvereiste.
Rechtbank Haarlem, 21 oktober 2008
ECLI:NL:RBHAA:2008:BG6101 · Rechtbank Haarlem · 21 oktober 2008
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-haarlem/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/voorlopige-voorziening/ecli-nl-rbhaa-2008-bg6101
Zaakgegevens
Op 21 oktober 2008 heeft de Rechtbank Haarlem in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Rechtbank HaarlemRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 21 oktober 2008
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- AWB 08/6008
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursrecht overig
- Procedure
- Voorlopige voorzieningVoorlopige voorzieningEen tijdelijke maatregel van de voorzieningenrechter, bijvoorbeeld het schorsen van een besluit, zolang bezwaar of beroep loopt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBHAA:2008:BG6101
Samenvatting
Verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk. Connexiteitsvereiste.
Uitspraak
RECHTBANK HAARLEM
Sector bestuursrecht
zaaknummer: AWB 08 / 6008
uitspraak van de voorzieningenrechter van 21 oktober 2008
in de zaak van:
[verzoeker],
wonend te [adres], verzoeker,
tegen:
de algemeen directeur van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen,
verweerder.
1. Procesverloop
1.1 Bij besluit van 12 augustus 2008 heeft verweerder het rijbewijs van verzoeker met ingang van 19 augustus 2008 ongeldig verklaard, omdat verzoeker niet heeft meegewerkt aan het onderzoek naar de geschiktheid.
1.2 Tegen dit besluit heeft verzoeker bij brief van 26 augustus 2008 bezwaar gemaakt. Bij brief van 16 september 2008 is tevens verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
1.3 Op 22 september 2008 heeft verweerder het bezwaar van verzoeker kennelijk ongegrond verklaard.
1.4 Het verzoek is behandeld ter zitting van 7 oktober 2008, alwaar verzoeker in persoon is verschenen. Verweerder heeft zich doen vertegenwoordigen door mr. J.J. Kwant.
2. Overwegingen
2.1 Ingevolge artikel 8:81 Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan een voorlopige voorziening alleen worden verzocht hangende bezwaar of beroep (connexiteitsvereiste).
2.2 Op 22 september 2008 heeft verweerder verzoekers bezwaarschrift kennelijk ongegrond verklaard. Ter zitting heeft de voorzieningenrechter aan verzoeker medegedeeld dat er, nu er op het bezwaarschrift is beslist, geen sprake meer is van connexiteit. Om inhoudelijk op het verzoekschrift te kunnen beslissen, moet verzoeker derhalve een beroepschrift indienen, zodat wordt voldaan aan het connexiteitsvereiste. De rechtbank heeft verzoeker hiervoor een termijn gesteld tot 20 oktober 2008.
2.3 Nu niet is gebleken dat verzoeker een beroepschrift heeft ingediend, wordt niet aan het onder rechtsoverweging 1.3 vermelde connexiteitsvereiste voldaan. De voorzieningenrechter zal het verzoek daarom met toepassing van artikel 8:84, tweede lid, onder b, Awb niet-ontvankelijk verklaren.
3. Beslissing
De voorzieningenrechter:
verklaart het verzoek niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. G. Guinau, voorzieningenrechter, en op 21 oktober 2008 in het openbaar uitgesproken, in tegenwoordigheid van R.I. ten Cate, griffier.
Afschrift verzonden op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.