Civiel recht overig

Rechtbank Limburg · Wraking · Civiel recht overig

Rechtbank Limburg, 14 maart 2019

Zaakgegevens

Op 14 maart 2019 heeft de Rechtbank Limburg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Limburg
Zittingsplaats
Maastricht
Datum uitspraak
14 maart 2019
Datum publicatie
9 april 2019
Zaaknummer
C/03/260476 / HA RK 19-29
Procedure
Wraking
ECLI
ECLI:NL:RBLIM:2019:3280
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

---

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]beslissing

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Maastricht

Wrakingskamer

Zaaknummer / rekestnummer: C/03/260476 / HA RK 19-29

Beslissing van de meervoudige kamer belast met behandeling van wrakingszaken

in de zaak van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

C'NAD BEWINDVOERING BV,

gevestigd te Sint Anthonis,

verzoekster,

vertegenwoordiger [naam vertegenwoordiger] te [woonplaats]

indienster van een verzoek strekkende tot wraking van mr. M.M. Vanhommerig,

rechter in deze rechtbank, hierna: de rechter.

1 De procedure

Op 8 februari 2019 is namens verzoekster C’NAD Bewindvoering BV door [naam vertegenwoordiger] een verzoek tot wraking ingediend.

Op 13 februari 2019 heeft de griffie van verzoekster een aanvulling op het verzoek tot wraking ontvangen.

2 De beoordeling

Ingevolge artikel 36 Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering (Rv) kan de rechter die een zaak behandelt worden gewraakt op grond van feiten en omstandigheden, waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.

Het verzoek tot wraking is gericht tegen een rechter met wie namens verzoekster een gesprek is gevoerd betreffende de ‘benoembaarheid tot bewindvoerder’. Er is geen sprake van een civiel- of bestuursrechtelijk geding dan wel van een strafzaak. Het verzoek tot wraking kan slechts worden ingediend tegen een rechter die een zaak behandelt. Gelet op artikel 9.1 van het Wrakingsprotocol rechtbank Limburg zal het verzoek daarom zonder behandeling ter zitting, wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid worden afgewezen.

3 De beslissing

De wrakingskamer:

wijst het verzoek tot wraking wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid af.

Deze beschikking is gegeven door mr. G.P.C. Dijkshoorn-Sleebe, mr. A.C.A. Schreinemakers en mr. E.P. van Unen en in tegenwoordigheid de griffier mr. M.J.W.D. Janssen in het openbaar uitgesproken op 14 maart 2019.

type: coll: