Civiel recht overig

Wraking - procesbeslissing - ongegrond

Rechtbank Limburg, 30 oktober 2023

Zaakgegevens

Op 30 oktober 2023 heeft de Rechtbank Limburg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Limburg
Zittingsplaats
Maastricht
Datum uitspraak
30 oktober 2023
Datum publicatie
5 december 2023
Zaaknummer
C/03/322613 / HA RK 23-164
Procedure
Wraking
ECLI
ECLI:NL:RBLIM:2023:7103
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Wraking - procesbeslissing - ongegrond

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]beslissing

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Maastricht

Wrakingskamer

Zaaknummer: C/03/322613 / HA RK 23-164

Beslissing van de meervoudige kamer belast met de behandeling van wrakingszaken

op het verzoek van

[verzoeker] ,

wonende te [woonplaats] ,

verzoeker,

dat strekt tot wraking van mr. M.M.T. Coenegracht, rechter in de rechtbank Limburg, hierna: de rechter.

1 De procedure

Op 26 september 2023 is tijdens de mondelinge behandeling van de zaken met zaaknummers ROE 20/ 2683, ROE 21/ 1327, ROE 21/1764, ROE 22/ 903 en ROE 22/ 1221 tussen [verzoeker] , als eisende en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Roermond, als verwerende partij door [verzoeker] een verzoek tot wraking ingediend tegen de rechter.

Op 27 september 2023 heeft verzoeker middels een digitaal formulier een aanvullende toelichting verstrekt op het verzoek tot wraking.

De rechter heeft de wrakingskamer op 5 oktober 2023 schriftelijk bericht dat zij niet berust in het verzoek tot wraking. Nu de rechter niet eerder beschikte over de aanvullende toelichting die verzoeker op 27 september 2023 heeft verstrekt, heeft de rechter daar pas tijdens de zitting op gereageerd.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden ter zitting van de wrakingskamer op 19 oktober 2023 waar verzoeker en de rechter zijn verschenen.

2 De gronden van het verzoek

Verzoeker wraakt de rechter omdat zij de gemachtigden van verweerder niet wegstuurde uit de zittingszaal. Hij voert daartoe aan dat de machtigingen van de gemachtigden van verweerder niet meer geldig waren nu er op 20 september 2023 een nieuwe burgemeester is geïnstalleerd in Roermond en verzoeker stelt dat de rechter de gemachtigden van verweerder daarom om nieuwe machtigingen had moeten vragen.

3 De beoordeling

Ingevolge artikel 8:15 van de Algemene wet bestuursrecht kan op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen, worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.

Daarvan is sprake als de rechter jegens de procesdeelnemer vooringenomen is of als de vrees daarvoor objectief gerechtvaardigd is. Daarbij is het uitgangspunt dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn omdat hij als rechter is aangesteld. Voor het oordeel dat de rechtelijke onpartijdigheid toch schade lijdt, bestaat alleen grond in geval van bijzondere omstandigheden die een zwaarwegende aanwijzing opleveren voor het aannemen van (de objectief gerechtvaardigde schijn van) partijdigheid.

De aangevoerde wrakingsgrond ziet op de beslissing van de rechter om de gemachtigden van verweerder niet weg te sturen uit de zittingszaal, met als reden dat zij niet over een geldige machtiging zouden beschikken. Dit is een procesbeslissing van de rechter. Een procesbeslissing kan als zodanig geen grond vormen voor wraking. De wrakingskamer komt geen oordeel toe over de juistheid van zo’n beslissing. Dat oordeel is voorbehouden aan de rechter die, in geval van aanwending van een rechtsmiddel, belast is met de inhoudelijke behandeling.

Ten overvloede wijst de wrakingskamer er op dat ter rechter ter zitting van de wrakingskamer nog heeft aangevoerd dat zij werd gewraakt op het moment dat het gesprek tussen partijen over de geldigheid van de machtigingen nog gaande was.

Omdat er geen andere gronden zijn aangevoerd, is de wrakingskamer van oordeel dat het verzoek tot wraking ongegrond is.

Voor zover verzoeker ter zitting heeft verzocht heeft om een vergoeding in de gemaakte reiskosten merkt de wrakingskamer op dat deze kosten in een procedure als deze niet voor vergoeding in aanmerking komen.

4 De beslissing

De wrakingskamer:

- verklaart het verzoek tot wraking ongegrond.

Deze beschikking is gegeven door mr. J. Schreurs-van de Langemheen,

mr. R.C.A.M. Philippart en mr. H.H. Dethmers, bijgestaan door mr. M.J.W.D. Janssen,

als griffier en in het openbaar uitgesproken op 30 oktober 2023.