Civiel recht overig
Verstekprocedure. Ontbinding huurovereenkomst, ontruiming van gehuurde en betaling huurachterstand…
Rechtbank Midden-Nederland, 9 augustus 2023
ECLI:NL:RBMNE:2023:5235 · Rechtbank Midden-Nederland · 9 augustus 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-midden-nederland/civiel-recht/civiel-recht-overig/verstek/ecli-nl-rbmne-2023-5235
Zaakgegevens
Op 9 augustus 2023 heeft de Rechtbank Midden-Nederland uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank Midden-NederlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Datum uitspraak
- 9 augustus 2023
- Datum publicatie
- 5 oktober 2023
- Zaaknummer
- 10611337 UC EXPL 23-4856
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- VerstekVerstekDe gedaagde of verdachte is niet verschenen; de rechter beslist zonder zijn verweer.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2023:5235
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verstekprocedure. Ontbinding huurovereenkomst, ontruiming van gehuurde en betaling huurachterstand, vermeerderd met rente en kosten
Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Civiel recht
kantonrechter
locatie Utrecht
zaaknummer: 10611337 UC EXPL 23-4856
Verstekvonnis d.d. 9 augustus 2023
inzake
Nationale-Nederlanden Levensverzekering Maatschappij N.V.
gevestigd te Rotterdam
gemachtigde Bazuin & Partners Gerechtsdeurwaarders,
eisende partij,
tegen
[gedaagde]
wonende [adres]
[postcode] [woonplaats]
gedaagde partij,
niet verschenen.
De overwegingen van de kantonrechter
De eisende partij heeft een vordering ingesteld.
De gedaagde partij heeft niet (tijdig) geantwoord en evenmin uitstel gevraagd, zodat tegen deze verstek is verleend.
Hoofdvordering
De eisende partij vordert ontbinding van de huurovereenkomst, ontruiming van het gehuurde en betaling van huurachterstand. De gestelde omvang van de huurachterstand maakt
deze hoofdvordering op zichzelf toewijsbaar Omdat de gedaagde partij geen verweer heeft gevoerd, zijn geen feiten en omstandigheden gebleken op grond waarvan deze vordering in dit geval toch niet zou kunnen worden toegewezen.
De kantonrechter zal de overeenkomst daarom ontbinden en de gedaagde partij zal het gehuurde moeten ontruimen op de in het dictum van dit vonnis vermelde manier.
Ook zal de gedaagde partij de achterstallige huur nog moeten betalen.
Nevenvorderingen
De eisende partij maakt daarnaast aanspraak op vergoeding van gemaakte buitengerechtelijke incassokosten en rente.
De kantonrechter heeft ambtshalve beoordeeld of in de overeenkomst en/of de daarop van toepassing zijnde algemene voorwaarden bepalingen zijn opgenomen ten aanzien
van de gevorderde hoofdsom, de gevorderde vergoeding voor gemaakte buitengerechtelijke incassokosten en/of de gevorderde vergoeding van rente, die zodanig afwijken van
de wettelijke regelingen dat de consument daardoor aanzienlijk wordt benadeeld en
door de kantonrechter vernietigd moeten worden. Dat is niet het geval.
De vordering komt de kantonrechter ook overigens niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal daarom worden toegewezen.
De gedaagde partij wordt als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten veroordeeld. De kosten aan de zijde van de eisende partij worden begroot op:
- dagvaarding € 129,86
- griffierecht € 514,00
- salaris gemachtigde € 330,00 (1 punt x tarief € 330,00)
Totaal € 973,86.
De beslissing
De kantonrechter:
ontbindt de tussen partijen bestaande huurovereenkomst met betrekking tot de onroerende zaak, [adres] te [woonplaats] ;
veroordeelt de gedaagde partij om deze onroerende zaak met al wie en al wat zich daarin vanwege de gedaagde partij bevindt binnen 14 dagen na de betekening van dit vonnis
te ontruimen en te verlaten en met overgifte van de sleutels geheel ter vrije beschikking van de eisende partij te stellen;
veroordeelt de gedaagde partij om tegen bewijs van kwijting te betalen aan de eisende partij:
1e. € 5.465,29 ter zake van achterstallige huur tot en met 31 juli 2023, vermeerderd met de wettelijke rente over € 5.465,29 vanaf 7 juli 2023 tot de dag van voldoening;
2e. € 134,73 ter zake van rente;
3e. € 468,09 ter zake van buitengerechtelijke incassokosten;
4e. € 1.359,67 voor elke maand of gedeelte van een maand, gelegen tussen 31 juli 2023 en de daadwerkelijke ontruiming;
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van de proceskosten aan de zijde van
de eisende partij, tot de uitspraak van dit vonnis begroot op € 973,86, waarin begrepen € 330,00 aan salaris gemachtigde;
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. O.P. van Tricht, kantonrechter, en is in aanwezigheid van
de griffier in het openbaar uitgesproken op 9 augustus 2023.
|
Grosse afgegeven aan de gemachtigde van de eisende partij d.d. 9 augustus 2023 |