Bestuursstrafrecht

De kantonrechter volgt het standpunt van de vertegenwoordiger van de officier van justitie en gaat ervan uit…

Rechtbank Noord-Holland, 26 februari 2025

Zaakgegevens

Op 26 februari 2025 heeft de Rechtbank Noord-Holland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over bestuursstrafrecht.

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Zittingsplaats
Alkmaar
Datum uitspraak
26 februari 2025
Datum publicatie
4 december 2025
Zaaknummer
11334847 WM VERZ 24-1477
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2025:14182
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

De kantonrechter volgt het standpunt van de vertegenwoordiger van de officier van justitie en gaat ervan uit dat er sprake is van een eenmalige fout. Het beroep is gegrond. De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van de officier van justitie zullen worden vernietigd.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind

locatie Alkmaar

Zaaknummer : 11334847 \ WM VERZ 24-1477

CJIB-nummer : ['nummer']

Uitspraakdatum : 26 februari 2025

Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV) en proces-verbaal van de zitting

in de zaak van

naam : [betrokkene]

adres : [betrokkene]

woonplaats : [betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene)

gemachtigde : [gemachtigde]

Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het
beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.

De zaak is behandeld op de zitting van 26 februari 2025. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. De gemachtigde van betrokkene is ook verschenen, samen met betrokkene. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft aangevoerd dat hij een gehandicaptenparkeerkaart heeft, die ook in de auto ligt. Uit de brief van de gemeente blijkt dat betrokkene met de GPK gratis mag parkeren op alle betaalde parkeerplaatsen en plekken voor vergunninghouders. De pleeglocatie betreft vergunninghoudersgebied.

De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft op de zitting meegedeeld dat er waarschijnlijk sprake is geweest van een eenmalige fout. De vertegenwoordiger van de officier van justitie gaat ervan uit dat de boete onterecht is opgelegd, en heeft verzocht het beroep gegrond te verklaren en de boete te vernietigen.

De kantonrechter volgt het standpunt van de vertegenwoordiger van de officier van justitie
en gaat ervan uit dat er sprake is van een eenmalige fout. Het beroep is gegrond. De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van de officier van justitie zullen worden vernietigd.

De uitspraak

De kantonrechter:

? verklaart het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gegrond en vernietigt die beslissing;

? verklaart het beroep tegen de beschikking waarbij de boete is opgelegd gegrond en vernietigt die beschikking;

? bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt.

Deze uitspraak is gedaan door mr. P.J. Jansen, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.

De griffier De kantonrechter

Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.

Datum toezending: