Civiel recht overig
Consumentenzaak. Voldaan aan de informatieplichten van artikel 6:230l BW. Vordering toewijsbaar.
Rechtbank Noord-Holland, 18 januari 2023
ECLI:NL:RBNHO:2023:979 · Rechtbank Noord-Holland · 18 januari 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-noord-holland/civiel-recht/civiel-recht-overig/verstek/ecli-nl-rbnho-2023-979
Zaakgegevens
Op 18 januari 2023 heeft de Rechtbank Noord-Holland uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank Noord-HollandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Haarlem
- Datum uitspraak
- 18 januari 2023
- Datum publicatie
- 8 februari 2023
- Zaaknummer
- 10263510 \ CV EXPL 23-45
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- VerstekVerstekDe gedaagde of verdachte is niet verschenen; de rechter beslist zonder zijn verweer.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBNHO:2023:979
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Consumentenzaak. Voldaan aan de informatieplichten van artikel 6:230l BW. Vordering toewijsbaar.
Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknr./rolnr.: 10263510 \ CV EXPL 23-45
Uitspraakdatum: 18 januari 2023 (bij vervroeging)
Verstekvonnis van de kantonrechter in de zaak van:
[eiser] , handelende onder de naam [bedrijf], mede handelende onder de naam [bedrijf]
wonende te [woonplaats 1] en zaakdoende te [plaats]
de eisende partij
gemachtigde: gerechtsdeurwaarders J. Schutte en M.C. Dirks (Gerechtsdeurwaarderskantoor Vermeer Schutte & Musen B.V.)
tegen
[gedaagde]
wonende te [woonplaats 2]
de gedaagde partij
niet verschenen
1 De procedure
De eisende partij heeft de gedaagde partij gedagvaard. Tegen de gedaagde partij is verstek verleend.
2 De beoordeling
De eisende partij vordert veroordeling van de gedaagde partij tot betaling van € 2.039,38 (€ 1.752,00 aan hoofdsom, € 24,58 aan rente en € 262,80 aan buitengerechtelijke incassokosten), te vermeerderen met de wettelijke rente over € 1.752,00 vanaf 7 december 2022 tot aan de dag der algehele voldoening. Daarnaast vordert zij veroordeling van de gedaagde partij in de proceskosten.
De vordering is gebaseerd op een overeenkomst tussen een handelaar en een consument, anders dan een overeenkomst op afstand of buiten de verkoopruimte gesloten. Bij het sluiten van dergelijke overeenkomsten moet de handelaar voldoen aan de wettelijke (pre)contractuele informatieplichten van artikel 6:230l aanhef en onder a, b, c, d en f van het Burgerlijk Wetboek (BW). Dit ter bescherming van de consument. De handelaar moet gemotiveerd stellen en onderbouwen dat aan deze plichten is voldaan. De kantonrechter moet er ambtshalve op toezien dat die voorschriften worden nageleefd, dus ook als er geen verweer is gevoerd. Zie, onder meer, het arrest van de Hoge Raad van 12 november 2021 (ECLI:NL:HR:2021:1677).
De kantonrechter is van oordeel dat de eisende partij voldoende heeft toegelicht en onderbouwd dat is voldaan aan de informatieplichten.
De vordering wordt toegewezen, omdat deze de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt.
De gedaagde partij wordt in het ongelijk gesteld en zal daarom in de proceskosten worden veroordeeld.
3 De beslissing
De kantonrechter:
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling aan de eisende partij van € 2.039,38, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 1.752,00 vanaf 7 december 2022 tot aan de dag van de gehele betaling;
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van de eisende partij tot en met vandaag vaststelt op:
€ 105,09 wegens dagvaardingskosten,
€ 244,00 wegens griffierecht en
€ 187,00 wegens salaris gemachtigde;
verklaart de veroordeling(en) in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. I. de Greef en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter