Arbeidsrecht
herstelbeschikking van beschikking gepubliceerd onder ECLI:NL:RBNNE:2016:3014
Rechtbank Noord-Nederland, 29 maart 2015
ECLI:NL:RBNNE:2015:6439 · Rechtbank Noord-Nederland · 29 maart 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-noord-nederland/civiel-recht/arbeidsrecht/rekestprocedure/ecli-nl-rbnne-2015-6439
Zaakgegevens
Op 29 maart 2015 heeft de Rechtbank Noord-Nederland uitspraak gedaan in een zaak over arbeidsrecht.
- Instantie
- Rechtbank Noord-NederlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Groningen
- Datum uitspraak
- 29 maart 2015
- Datum publicatie
- 24 juni 2016
- Zaaknummer
- 4742008/16-9 en 4808691/16-26
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Arbeidsrecht
- Procedure
- RekestprocedureRekestprocedureEen procedure die begint met een verzoekschrift (rekest) aan de rechter in plaats van met een dagvaarding.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBNNE:2015:6439
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
herstelbeschikking van beschikking gepubliceerd onder ECLI:NL:RBNNE:2016:3014
Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Afdeling Privaatrecht
Locatie Groningen
zaak-/rolnummer: 4742008/16-9 en 4808691/16-26
Herstelbeschikking van de kantonrechter d.d. 29 maart 2016
inzake
de besloten vennootschap [naam] B.V., kantoorhoudende te [plaatsnaam],
verzoekster in conventie, tevens verweerster in reconventie, hierna te noemen [werkgever],
gemachtigde mr. T.J. Hidding, advocaat te Groningen,
tegen
[naam],
wonende te [woonplaats] aan de [adres]
verweerder in conventie, tevens verzoeker in reconventie, hierna [werknemer] te noemen,
gemachtigde mrs. S. Bijl en A. Baas, respectievelijk jurist en advocaat te Groningen.
PROCESGANG
Bij schrijven van de gemachtigde van [werkgever] van 18 maart 2016 is verzocht een fout te herstellen in de op 17 maart 2016 tussen partijen gegeven beschikking. Het betreft de datum waarop de arbeidsovereenkomst wordt ontbonden. Volgens [werkgever] moet dat 1 mei 2016 zijn in plaats van 1 juni 2016.
[werknemer] is in de gelegenheid gesteld om zich daarover uit te laten. Van die gelegenheid is evenwel geen gebruik gemaakt.
Beschikking is bepaald op heden.
OVERWEGINGEN
-
In de beschikking van 17 maart 2016 heeft de kantonrechter in overweging 10 geoordeeld dat [werkgever] onweersproken heeft gesteld dat voor [werknemer] een opzegtermijn van twee maanden geldt, zodat de arbeidsovereenkomst met toepassing van artikel 7:671b lid 8, onderdeel a, BW zal worden ontbonden met ingang van 1 juni 2016. Deze ontbindingsdatum staat ook in het dictum.
-
In artikel 7:671b lid 8, onderdeel a, BW is bepaald dat, als het verzoek om ontbinding een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd of een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd betreft die tussentijds kan worden opgezegd, en het verzoek wordt ingewilligd, de kantonrechter het einde van de arbeidsovereenkomst bepaalt op het tijdstip waarop de arbeidsovereenkomst bij regelmatige opzegging zou zijn geëindigd, waarbij, indien de ontbinding van de arbeidsovereenkomst niet het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever, de duur van de periode die aanvangt op de datum van ontvangst van het verzoek en eindigt op de datum van dagtekening van de ontbindingsbeslissing in mindering wordt gebracht, met dien verstande dat een termijn van ten minste een maand resteert.
-
Zoals overwogen geldt tussen partijen een opzegtermijn van twee maanden. De proceduretijd is twee maanden en vijf dagen. Op grond van genoemde bepaling had de datum waarop de arbeidsovereenkomst eindigt dan ook moeten worden vastgesteld op 1 mei 2016. Omdat de kantonrechter onder verwijzing naar die bepaling de ontbindingsdatum heeft bepaald op 1 juni 2016, is het dan ook evident dat hier sprake is van een kennelijke fout. Deze fout leent zich voor eenvoudig herstel. De kantonrechter zal, met toepassing van artikel 31 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, de beschikking daarom aldus verbeteren.
BESLISSING
De kantonrechter:
1. bepaalt dat de minuut van de beschikking van 17 maart 2016 als volgt wordt gewijzigd:
a) in overweging 10 dient voor
Nu [werkgever] onweersproken heeft gesteld dat voor [werknemer] een opzegtermijn van twee maanden geldt, zal de arbeidsovereenkomst met toepassing van artikel 7:671b lid 8, onderdeel a, BW worden ontbonden met ingang van 1 juni 2016.
te worden gelezen:
Nu [werkgever] onweersproken heeft gesteld dat voor [werknemer] een opzegtermijn van twee maanden geldt, zal de arbeidsovereenkomst met toepassing van artikel 7:671b lid 8, onderdeel a, BW worden ontbonden met ingang van 1 mei 2016.
b) bij de beslissing dient onder 1 voor
ontbindt de arbeidsovereenkomst tussen partijen met ingang van 1 juni 2016;
te worden gelezen:
ontbindt de arbeidsovereenkomst tussen partijen met ingang van 1 mei 2016;
2. bepaalt dat een afschrift van deze herstelbeschikking wordt gehecht aan de minuut van de beschikking van 17 maart 2016;
3. bepaalt dat aan ieder van partijen een grosse/afschrift van de beschikking van 17 maart 2016 en een grosse/afschrift van deze herstelbeschikking wordt verstrekt;
4. bepaalt dat de partij die in het bezit is van een grosse/afschrift van de oorspronkelijke beschikking deze dient te retourneren - voor zover dat nog niet is gebeurd - aan de griffier van deze rechtbank, afdeling privaatrecht, locatie Groningen.
Aldus gewezen door mr. E.J. Oostdijk, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 29 maart 2016 in tegenwoordigheid van de griffier.
MH