Civiel recht overig
Verstekvonnis: vordering an subsidieadviesbureau tot betaling van 20% van subsidiebedragen toegewezen.
Rechtbank Noord-Nederland, 2 september 2025
ECLI:NL:RBNNE:2025:5926 · Rechtbank Noord-Nederland · 2 september 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-noord-nederland/civiel-recht/civiel-recht-overig/verstek/ecli-nl-rbnne-2025-5926
Zaakgegevens
Op 2 september 2025 heeft de Rechtbank Noord-Nederland uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank Noord-NederlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Groningen
- Datum uitspraak
- 2 september 2025
- Datum publicatie
- 18 juni 2026
- Zaaknummer
- 11840049 CV EXPL 25-4887
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- VerstekVerstekDe gedaagde of verdachte is niet verschenen; de rechter beslist zonder zijn verweer.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBNNE:2025:5926
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verstekvonnis: vordering an subsidieadviesbureau tot betaling van 20% van subsidiebedragen toegewezen.
Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Groningen
Zaaknummer: 11840049 CV EXPL 25-4887
Verstekvonnis van 2 september 2025
in de zaak van
[eiser] B.V.,
te [vestigingsplaats] ,
eisende partij,
gemachtigde: [gemachtigde] ,
kenmerk gemachtigde: [kenmerk] ,
tegen
Life2Ledger B.V.,
te Groningen,
gedaagde partij,
niet in het geding verschenen.
1 De procedure
De eisende partij heeft bij dagvaarding, op de daarin geformuleerde gronden, gevorderd dat de gedaagde partij veroordeeld wordt om aan de eisende partij te betalen
€ 12.973,55, vermeerderd met rente en kosten.
Tegen de gedaagde partij is verstek verleend.
2 De beoordeling
Het gevorderde komt de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal daarom worden toegewezen.
De gedaagde partij zal als de in het ongelijk te stellen partij in de proceskosten (inclusief nakosten) worden veroordeeld.
3 De beslissing
De kantonrechter:
veroordeelt de gedaagde partij om aan de eisende partij te betalen € 12.973,55, vermeerderd met de wettelijke handelsrente over € 10.890,00 vanaf 7 augustus 2025 tot de dag van betaling;
veroordeelt de gedaagde partij in de proceskosten (inclusief nakosten), tot op heden aan de zijde van de eisende partij vastgesteld op: dagvaarding € 122,35, griffierecht
€ 1461,00, salaris gemachtigde € 406,00 en nakosten € 135,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als de gedaagde partij niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;
verklaart dit vonnis - tot zover - uitvoerbaar bij voorraad;
wijst af - voor zover nodig - het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. Haisma en in het openbaar uitgesproken op
2 september 2025.
typ: SDN
coll: