Strafrecht overig

Mulder-zaak. Verkeersboete. De kantonrechter verklaart het beroep gegrond.

Rechtbank Overijssel, 2 juli 2026

Zaakgegevens

Op 2 juli 2026 heeft de Rechtbank Overijssel in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Overijssel
Zittingsplaats
Enschede
Datum uitspraak
2 juli 2026
Datum publicatie
19 augustus 2026
Zaaknummer
12014606 WM VERZ 25-949
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2026:5080
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Mulder-zaak. Verkeersboete. De kantonrechter verklaart het beroep gegrond.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team Strafrecht

Zittingsplaats Enschede

Zaaknummer: 12014606 WM VERZ 25-949

CJIB-nummer: 274029883

Uitspraakdatum : 2 juli 2026

Proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)

in de zaak van

[betrokkene]

wonende [adres]

hierna: betrokkene.

Verloop van de procedure

Aan betrokkene is een verkeersboete van € 36,00 (exclusief € 9,00 administratiekosten) opgelegd. Betrokkene wordt als kentekenhouder wordt verweten dat de bestuurder van het voertuig met kenteken [kenteken] op 20 mei 2025 om 22:13 uur op de Schipleidelaan ter hoogte van huisnummer [nummer] in Oldenzaal heeft gereden, terwijl de maximum snelheid binnen de bebouwde kom met 4 km/uur werd overschreden. (54 waar 50 is toegestaan)

Betrokkene heeft daartegen administratief beroep ingesteld bij de officier van justitie van het Parket Centrale Verwerking Openbaar Ministerie (hierna Parket CVOM). De officier van justitie heeft het administratief beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.

De zaak is behandeld op de zitting van 2 juli 2026.

Namens het Parket CVOM was als zittingsvertegenwoordiger aanwezig mr. F. Buddingh.

Daarnaast was op de zitting aanwezig: betrokkene.

De kantonrechter heeft betrokkene meegedeeld dat betrokkene niet tot antwoorden verplicht is. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

Betrokkene heeft samengevat aangevoerd dat:

- de gedraging niet is verricht. Betrokkene heeft niet ten hoogte van huisnummer [nummer] op de Schipleidelaan gereden.

Tijdens de zitting heeft betrokkene een toelichting gegeven op het schriftelijke standpunt.

De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep gegrond te verklaren om de volgende reden(en):

De schouwrapporten zijn onvolledig, niet aanwezig of voldoen niet aan de eisen, waardoor niet overtuigend is vastgesteld dat de gedraging daadwerkelijk is verricht.

Overwegingen

In dit geval ontbreekt een correct, op de betreffende flitspaal toegesneden schouwrapport in het dossier.

Hierdoor is naar het oordeel van de kantonrechter onvoldoende komen vast te staan dat de gedraging is verricht. De kantonrechter ziet daarom aanleiding betrokkene het voordeel van de twijfel te geven en zal daarom het beroep gegrond verklaren en de inleidende beschikking vernietigen.

Beslissing

De kantonrechter:

? verklaart het beroep gegrond;

? vernietigt de bestreden beslissing van de officier van justitie;

? vernietigt de inleidende beschikking waarbij de boete is opgelegd;

? bepaalt dat het bedrag dat betrokkene als zekerheid heeft betaald, aan betrokkene zal worden terugbetaald.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.J. de Loor, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, S.T. Bertelink, en in het openbaar uitgesproken op 2 juli 2026.

Als u het niet eens bent met deze beslissing, dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als:

  1. de verkeersboete meer dan € 110,00 bedraagt, of

  2. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.

Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Overijssel, Team Strafrecht/kanton/ Wahv, locatie Enschede. Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde.

U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.

De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in het beroepschrift uitdrukkelijk vraagt om een zitting waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.

Datum verzending: