Belastingrecht
Zorgtoeslag / aanvraag te laat / mondelinge uitspraak
Rechtbank Rotterdam, 24 februari 2021
ECLI:NL:RBROT:2021:3113 · Rechtbank Rotterdam · 24 februari 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/bestuursrecht/belastingrecht/proces-verbaal/ecli-nl-rbrot-2021-3113
Zaakgegevens
Op 24 februari 2021 heeft de Rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 24 februari 2021
- Datum publicatie
- 9 april 2021
- Zaaknummer
- ROT 20/3891
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Belastingrecht
- Procedure
- Proces-verbaalProces-verbaalHet schriftelijke verslag van de zitting, soms met de mondelinge uitspraak van de rechter erin.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2021:3113
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Zorgtoeslag / aanvraag te laat / mondelinge uitspraak
Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
Bestuursrecht
zaaknummer: ROT 20/3891
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 24 februari 2021 in de zaak tussen
[naam eiser], te [woonplaats eiser], eiser,
en
Belastingdienst/Toeslagen, verweerder,
gemachtigde: [naam].
Eiser is verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Na de sluiting van het onderzoek ter zitting op 24 februari 2021 heeft de rechtbank onmiddellijk mondeling uitspraak gedaan. De beslissing en de gronden van de beslissing luiden als volgt.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Overwegingen
De rechtbank is van oordeel dat verweerder bij het bestreden besluit terecht het primaire besluit, waarbij eiser zorgtoeslag over 2015, 2016, 2017 en 2018 is geweigerd, heeft gehandhaafd. Op grond van de wettelijke bepalingen had de aanvraag zorgtoeslag over 2015 uiterlijk op 1 september 2016 gedaan moeten zijn. Dit geldt ook voor de aanvragen over de jaren 2016, 2017 en 2018, die op 1 september van respectievelijk 2017, 2018 en 2019 gedaan moesten zijn.
Eiser stelt dat hij in 2015 en 2016 contact met verweerder heeft opgenomen om een aanvraag zorgtoeslag in te dienen, maar heeft geen nadere gegevens hiervan kunnen vertrekken. De rechtbank is van oordeel dat deze stelling van eiser te algemeen is geformuleerd en onvoldoende is onderbouwd. Verweerder heeft geen gegevens waaruit blijkt dat eiser eerder contact heeft opgenomen over een aanvraag. Verweerder heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat eisers aanvragen zorgtoeslag van 17 november 2019 en door verweerder ontvangen op 20 november 2019, niet binnen de hiervoor gestelde uiterste data heeft gedaan voor toekenning van zorgtoeslag vóór 2019.
Deze uitspraak is op 24 februari 2021 in het openbaar gedaan door mr. F.P.J. Schoonen, rechter, in aanwezigheid van G.J. Machwirth, griffier.
De griffier is buiten staat de rechter is verhinderd te tekenen
griffier rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een beroepschrift. U moet dit beroepschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven.