Bestuursprocesrecht
Veelprocedeerder. Misbruik van recht, dus geen BOBOG.
Rechtbank Rotterdam, 4 januari 2023
ECLI:NL:RBROT:2023:352 · Rechtbank Rotterdam · 4 januari 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/bestuursrecht/bestuursprocesrecht/vereenvoudigde-behandeling/ecli-nl-rbrot-2023-352
Zaakgegevens
Op 4 januari 2023 heeft de Rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in een zaak over bestuursprocesrecht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 4 januari 2023
- Datum publicatie
- 23 januari 2023
- Zaaknummer
- 22/5209
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursprocesrecht
- Procedure
- Vereenvoudigde behandelingVereenvoudigde behandelingDe bestuursrechter beslist zonder zitting, omdat de uitkomst duidelijk is. Wie het er niet mee eens is, kan in verzet gaan.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2023:352
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Veelprocedeerder. Misbruik van recht, dus geen BOBOG.
Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
Bestuursrecht
zaaknummer: ROT 22/5209
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 4 januari 2022 in de zaak tussen
[Naam], uit [Plaats], eiser
en
het college van burgemeester en wethouders van Zwijndrecht, verweerder.
Procesverloop
Eiser heeft beroep ingesteld wegens het niet tijdig beslissen op een verzoek op grond van de Wet open overheid.
Eiser heeft met een beroep op betalingsonmacht verzocht om ontheffing van de verplichting tot betaling van griffierecht.
Overwegingen
1. De rechtbank doet met toepassing van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht uitspraak zonder zitting.
2. Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser wegens misbruik van recht geen ontheffing van griffierecht wordt verleend, zodat hij in verzuim is het in de zaak verschuldigde griffierecht te voldoen. Ter motivering wijst de rechtbank op een eerdere uitspraak in een procedure tussen partijen (ECLI:NL:RVS:2019:1652).
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. drs. E.B.J. van Elden, rechter, in aanwezigheid van D. Vossenberg, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 4 januari 2022.
|
griffier |
rechter |
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.