Bestuursprocesrecht
Wht-zaak. Gemachtigde stelt beroep niet tijdig beslissen in terwijl de beslistermijn is verlengd.
Rechtbank Rotterdam, 25 september 2024
ECLI:NL:RBROT:2024:9352 · Rechtbank Rotterdam · 25 september 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/bestuursrecht/bestuursprocesrecht/vereenvoudigde-behandeling/ecli-nl-rbrot-2024-9352
Zaakgegevens
Op 25 september 2024 heeft de Rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in een zaak over bestuursprocesrecht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 25 september 2024
- Datum publicatie
- 24 september 2024
- Zaaknummer
- 24/6982
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursprocesrecht
- Procedure
- Vereenvoudigde behandelingVereenvoudigde behandelingDe bestuursrechter beslist zonder zitting, omdat de uitkomst duidelijk is. Wie het er niet mee eens is, kan in verzet gaan.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2024:9352
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Wht-zaak. Gemachtigde stelt beroep niet tijdig beslissen in terwijl de beslistermijn is verlengd.
Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
Bestuursrecht
zaaknummers: ROT 24/6982
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 25 september 2024 als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht in de zaken tussen
[Naam], uit [Plaats], eiseres,
gemachtigde: mr. N. Köse-Albayrak,
en
Dienst Toeslagen, verweerder.
Procesverloop
Eiseres heeft bij verweerder op 18 december 2023 een verzoek gedaan tot herbeoordeling van haar recht op kinderopvangtoeslag.
Bij brief van 28 juni 2024 heeft eiseres verweerder in gebreke gesteld in verband met het uitblijven van een beslissing op haar verzoek.
Eiseres heeft op 15 juli 2024 beroep ingesteld wegens het uitblijven van een beslissing op haar verzoek.
Overwegingen
-
De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting omdat zich in deze zaak een van de gevallen voordoet zoals genoemd in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht.
-
Uit het dossier blijkt dat verweerder de termijn voor het nemen van een beslissing op het verzoek heeft verlengd tot 18 december 2024. Van niet-tijdig beslissen op het verzoek door verweerder is dus geen sprake. Het beroep is daarom kennelijk niet-ontvankelijk.
-
De rechtbank zal het beroep niet-ontvankelijk verklaren.
-
Voor vergoeding van het griffierecht of voor toekenning van een proceskostenvergoeding bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S. Veling, rechter, in aanwezigheid van mr. H. de Vries, griffier. De uitspraak is in het openbaar gedaan op 25 september 2024.
De griffier is verhinderd
de uitspraak te ondertekenen
griffier rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan verzet worden gedaan bij de rechtbank. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld over het verzet te worden gehoord.