Burgerlijk procesrecht
Verzoeker niet-ontvankelijk in het wrakingsverzoek. Het verzoek heeft geen betrekking op een rechter die met…
Rechtbank Rotterdam, 11 januari 2024
ECLI:NL:RBROT:2024:575 · Rechtbank Rotterdam · 11 januari 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/civiel-recht/burgerlijk-procesrecht/wraking/ecli-nl-rbrot-2024-575
Zaakgegevens
Op 11 januari 2024 heeft de Rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in een zaak over burgerlijk procesrecht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 11 januari 2024
- Datum publicatie
- 31 januari 2024
- Zaaknummer
- 671499 / HA RK 24-11
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Burgerlijk procesrecht
- Procedure
- WrakingWrakingEen partij vraagt om een rechter van de zaak te halen, omdat zij twijfelt aan diens onpartijdigheid.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2024:575
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verzoeker niet-ontvankelijk in het wrakingsverzoek. Het verzoek heeft geen betrekking op een rechter die met de behandeling van enige zaak van verzoeker belast is. Een verzoek van een voormalige procespartij tot het publiceren van enige in zijn zaak genomen beslissing, alsmede de afwijzende beslissing op een dergelijk verzoek, vormen niet een zaak als in de wet wordt bedoeld.
Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
Wrakingskamer
zaaknummer: C/10/671499 / HA RK 24-11
Beslissing van 11 januari 2024
van de meervoudige wrakingskamer van de rechtbank op het verzoek van
[naam verzoeker] ,
wonende te [woonplaats] ,
hierna te noemen: verzoeker,
strekkende tot de wraking van
de verschoningskamer in de rechtbank Rotterdam.
1 De procedure
De meervoudige kamer voor de behandeling van verzoeken om verschoning heeft op 20 februari 2020 een beslissing gegeven ten aanzien van het verzoek van rechter
mr. [naam] om zich te mogen verschonen in een zaak van verzoeker. Die verschoningsprocedure heeft als kenmerk 591516 / HA RK 20-146.
Per e-mailbericht van 27 december 2023 heeft verzoeker verzocht voormelde beslissing online te publiceren en hem het ECLI-nummer door te geven.
Per e-mailbericht van 4 januari 2024 te 13.05 uur heeft de algemeen secretaris van de wrakings- en verschoningskamer in deze rechtbank namens de verschoningskamer aan verzoeker meegedeeld dat zijn verzoek niet wordt ingewilligd.
Per e-mail van 4 januari 2024 te 13.08 uur heeft verzoeker de verschoningskamer in deze rechtbank gewraakt.
2 De ontvankelijkheid van het verzoek
Op grond van de wet – meer in het bijzonder artikel 36 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, artikel 512 van het Wetboek van Strafvordering en artikel 8:15 van de Algemene wet bestuursrecht – kan alleen de rechter die een zaak behandelt, worden gewraakt. Het verzoek heeft echter geen betrekking op een rechter die met de behandeling van enige zaak van verzoeker belast is. Een verzoek van een voormalige procespartij tot het publiceren van enige in zijn zaak genomen beslissing, alsmede de afwijzende beslissing op een dergelijk verzoek, vormen niet een zaak als in voormelde wettelijke bepalingen wordt bedoeld en de verschoningszaak is geëindigd met de beslissing van 20 februari 2020.
Verzoeker is dus kennelijk niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot wraking van de verschoningskamer in deze rechtbank.
3 De beslissing
De rechtbank:
verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in het verzoek tot wraking van de verschoningskamer in deze rechtbank.
Deze beslissing is gegeven door mr. P.C. Santema, voorzitter, mr. dr. P.G.J. van den Berg en mr. A. Buizer, rechters, in tegenwoordigheid van J.A. Faaij, griffier en in het openbaar uitgesproken op 11 januari 2024.
de griffier de voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.