Strafrecht overig
IS-verdachte in Syrië; tussenbeslissing inzake verzoek tot beëindiging strafzaak ex artikel 29f Sv.
Rechtbank Rotterdam, 18 januari 2022
ECLI:NL:RBROT:2022:352 · Rechtbank Rotterdam · 18 januari 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/strafrecht/strafrecht-overig/proces-verbaal/ecli-nl-rbrot-2022-352
Zaakgegevens
Op 18 januari 2022 heeft de Rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 18 januari 2022
- Datum publicatie
- 21 januari 2022
- Zaaknummer
- 10/960096-16
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Proces-verbaalProces-verbaalHet schriftelijke verslag van de zitting, soms met de mondelinge uitspraak van de rechter erin.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2022:352
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
IS-verdachte in Syrië; tussenbeslissing inzake verzoek tot beëindiging strafzaak ex artikel 29f Sv.
Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
Team straf 2
Parketnummer: 10/960096-16
Raadkamernummer: 18/1863
Proces-verbaal van de meervoudige raadkamer voor strafzaken van de rechtbank Rotterdam op 18 januari 2022.
Tegenwoordig als:
voorzitter mr. J.L.M. Boek,
rechters mrs. J.J. Bade en M. Zoethout,
officier van justitie mr. C.D. Kardol,
griffier mr. A.K. van Zanten.
De zaak wordt met gesloten deuren behandeld.
(…)
Aan de orde is de voortgezette behandeling van het op 15 juni 2018 ter griffie van deze
rechtbank ingediende verzoekschrift op de voet van artikel 36 (oud), thans 29f, van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:
[naam verzoekster],
geboren te [geboorteplaats verzoekster]) op [geboortedatum verzoekster],
voor deze zaak domicilie kiezende te [adres], op het kantoor van haar raadsvrouw mr. E. Kolokatsi.
De verzoekster is in raadkamer niet verschenen.
(…)
De voorzitter deelt (…) mee dat de rechtbank als volgt heeft beslist.
- De rechtbank schorst het onderzoek in de raadkamer voor ten hoogste 3 (drie) maanden;
- De zaak wordt dan aangebracht tegelijk met de vier andere zaken die in de raadkamer op 11 oktober 2021 zijn behandeld, te weten de zaken van de verzoeksters [naam 1], [naam 2], [naam 3] en [naam 4];
- De strafzaak tegen de verzoekster ligt dan gereed voor een ‘verklaring einde zaak’. Behoudens bijzondere omstandigheden zal de rechtbank dan verklaren dat de zaak geëindigd is.
(…)
Dit proces-verbaal is vastgesteld en ondertekend door de oudste rechter en de griffier.