Belastingrecht
8:54; beroep niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 11 november 2022
ECLI:NL:RBZWB:2022:6719 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 11 november 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-zeeland-west-brabant/bestuursrecht/belastingrecht/vereenvoudigde-behandeling/ecli-nl-rbzwb-2022-6719
Zaakgegevens
Op 11 november 2022 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Breda
- Datum uitspraak
- 11 november 2022
- Datum publicatie
- 11 november 2022
- Zaaknummer
- BRE-22_2465
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Belastingrecht
- Procedure
- Vereenvoudigde behandelingVereenvoudigde behandelingDe bestuursrechter beslist zonder zitting, omdat de uitkomst duidelijk is. Wie het er niet mee eens is, kan in verzet gaan.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBZWB:2022:6719
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
8:54; beroep niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht.
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Bestuursrecht
zaaknummer: BRE 22/2465
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 11 november 2022 in de zaak tussen
[belanghebbende]
, gevestigd te [plaats] , Verenigde Staten, belanghebbende,
(gemachtigde: [gemachtigde] ),
en
De inspecteur van de belastingdienst, de inspecteur.
Procesverloop
Belanghebbende heeft tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur van 5 april 2022, betreffende de naheffingsaanslag omzetbelasting over het tijdvak 1 juni 2015 tot en met 31 december 2017, met aanslagnummer [aanslagnummer] .F.01.7501, beroep ingesteld.
Overwegingen
Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. De rechtbank legt hierna uit waarom het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is.
Iemand die beroep instelt, moet griffierecht betalen. Dit staat in artikel 8:41, van de Awb. In een zaak als deze is het griffierecht € 365,-. De griffier van de rechtbank stelt een termijn waarbinnen het griffierecht moet worden betaald. Het hele bedrag moet binnen die termijn zijn bijgeschreven op de rekening van de rechtbank of dan zijn betaald op de griffie van de rechtbank. Als het griffierecht niet of niet tijdig is betaald, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Dat is alleen anders als het niet of niet tijdig betalen van het griffierecht verontschuldigbaar is.
De griffier heeft bij aangetekend verzonden brief van 12 juni 2022 belanghebbende opnieuw in de gelegenheid gesteld het griffierecht te betalen binnen vier weken na dagtekening van die brief. Deze brief is verstuurd naar het door gemachtigde opgegeven adres. Omdat deze brief en andere correspondentie van de rechtbank retour is gekomen ter griffie van de rechtbank met de mededeling “RETURN TO SENDER NOT DELIVERABLE AS ADDRESSED” en “RETURN TO SENDER NO SUCH NUMBER”, heeft de griffier alle correspondentie, inclusief de aangetekend verzonden nota, via beveiligde e-mail (ZIVVER), verzonden aan gemachtigde op 22 augustus 2022. In de begeleidende brief bij deze e-mail heeft de griffier nogmaals verzocht het verschuldigde griffierecht over te maken binnen twee weken na dagtekening van deze brief. De gemachtigde heeft op 23 augustus 2022 gereageerd. Daarbij heeft gemachtigde aangegeven het verschuldigde bedrag over te zullen maken.
Uit de administratie van de rechtbank blijkt dat het griffierecht niet is ontvangen.
Het beroep is daarom kennelijk niet-ontvankelijk.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.A.J. Bastiaansen, rechter, in aanwezigheid van P. van der Hoeven, griffier, op 11 november 2022 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
|
griffier |
rechter |
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.