Burgerlijk procesrecht

Kennelijk ongegrond wrakingsverzoek. Het wrakingsverzoek is niet onderbouwd.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 29 juni 2023

Zaakgegevens

Op 29 juni 2023 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant uitspraak gedaan in een zaak over burgerlijk procesrecht.

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
29 juni 2023
Datum publicatie
5 juli 2023
Zaaknummer
C/02/411052 / HA RK 23-127 (E)
Procedure
Wraking
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2023:4654
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Kennelijk ongegrond wrakingsverzoek. Het wrakingsverzoek is niet onderbouwd.

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Wrakingskamer

Middelburg

zaaknummer / rekestnummer: C/02/411052 / HA RK 23-127

Beschikking van 29 juni 2023

in de zaak van

[verzoekster01] ,

wonende te [woonplaats01] ,

verzoekster,

verschenen in persoon.

1 De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • het wrakingsverzoek ingediend bij e-mailbericht van verzoekster van 21 juni 2023;

  • de mededeling van mr. Thielen van 26 juni 2023 dat zij niet in de wraking berust;

  • de processtukken zoals opgenomen in het dossier van de rechtbank in de hoofdzaak met zaaknummer 10411444 CV EXPL 23-837.

2 De beoordeling

2.1.

Het verzoek strekt tot wraking van mr. Thielen (hierna: de rechter). Het wrakingsverzoek luidt:

“Goedendag

Via deze weg

wraak ik vandaag de rechter Thielen

Zaak rolnummer 10411444 CV EXPL 23-837

Hoop hiermee voldoende te hebben geschreven

In afwachting verblijf ik

Vriendelijke groet

[verzoekster01] ”.

2.2.

De rechter berust niet in het verzoek tot wraking.

2.3.

Op grond van artikel 36 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.

2.4.

Voorop moet worden gesteld, dat bij de beoordeling van een beroep op het ontbreken van onpartijdigheid van de rechter als uitgangspunt geldt, dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling wordt vermoed onpartijdig te zijn tenzij zich een uitzonderlijke omstandigheid voordoet die een zwaarwegende aanwijzing oplevert dat een rechter ten aanzien van een partij een vooringenomenheid koestert, althans dat de bij die partij daarvoor bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is.

2.5.

Het wrakingsverzoek is niet onderbouwd. De wrakingskamer zal het verzoek bij gebreke van een deugdelijke motivering kennelijk ongegrond verklaren.

2.6.

Omdat sprake is van een kennelijk ongegrond wrakingsverzoek laat de wrakingskamer de mondelinge behandeling van het verzoek achterwege overeenkomstig artikel 4 lid 2 aanhef en onder a van het Wrakingsprotocol van de rechtbank Zeeland-West-Brabant (gepubliceerd op de website www.rechtspraak.nl, zie rechtbank Zeeland-West-Brabant, regels en procedures, wrakingsprotocol).

3 De beslissing

De wrakingskamer

3.1.

verklaart het verzoek tot wraking kennelijk ongegrond.

Deze beschikking is gegeven op 29 juni 2023 door mr. Holierhoek, mr. Kool en mr. Hopmans. De uitspraak wordt openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.