Civiel recht overig

verschoningsbeslissing toegewezen.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 14 december 2021

Zaakgegevens

Op 14 december 2021 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Zittingsplaats
Breda
Datum uitspraak
14 december 2021
Datum publicatie
20 december 2021
Zaaknummer
C/02/392660/HA RK 21-257
Procedure
Wraking
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2021:6483
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

verschoningsbeslissing toegewezen.

Uitspraak

Rechtbank zeeland-west-brabant

Verschoningskamer

Verschoningsnummer: C/02/392660/HA RK 21-257

Zaaknummer: 388078 JE RK 21-121

Beslissing van 14 december 2021

van de meervoudige verschoningskamer van de rechtbank op het verzoek van

mr. [voorletters] Combee,

rechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant,

hierna de rechter,

belast met de behandeling van de hoofdzaak met kenmerk 388078 JE RK 21-1554 van verzoeker:

William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering

waarbij als belanghebbenden zijn aangemerkt:

[belanghebbende]

gemachtigde: mr. G. Demir te Gilze-Rijen,

en

[belanghebbende] .

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit het verschoningsverzoek van de rechter van 13 december 2021.

1.2.

Een verschoningsverzoek hoeft niet ter terechtzitting te worden behandeld. Het verzoek is daarom niet ter zitting behandeld.

2 Het verschoningsverzoek

2.1.

De rechter heeft het verschoningsverzoek op het volgende gebaseerd.

Door [belanghebbende] is twee keer een wrakingsverzoek gedaan (zaaknummers:

386307 HA RK 21-121 en 392505 HA RK 21-254). Het eerstgenoemde wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard en het tweede wrakingsverzoek is kennelijk ongegrond verklaard. Hoewel de rechter meent dat geen sprake is van partijdigheid van haar kant, vreest zij dat het gegeven dat zij als rechter de zaak zal behandelen, niet zal leiden tot een effectieve mondelinge behandeling. Dit is niet in het belang van betrokkenen, reden waarom zij het verschoningsverzoek heeft ingediend.

3 De beoordeling

3.1.

Verschoning is een middel om de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechter te verzekeren. Uitgangspunt is dat een rechter op grond van zijn aanstelling wordt vermoed onpartijdig te zijn. Uitzonderlijke omstandigheden kunnen een aanwijzing opleveren dat een rechter ten opzichte van een partij vooringenomen is of dat daarvoor een terechte vrees bestaat. Ook de uiterlijke schijn kan daarbij een rol spelen.

3.2.

Gelet op hetgeen de rechter heeft aangevoerd, is het verschoningsverzoek terecht ingediend. Zo wordt de schijn van partijdigheid vermeden. Het verzoek zal dus worden toegewezen. Dit betekent dat de behandeling van de hoofdzaak door een andere rechter moet worden overgenomen.

4 De beslissing

De verschoningskamer:

4.1.

wijst het verzoek tot verschoning toe;

4.2.

bepaalt dat het proces in de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond op het moment dat verschoningsverzoek werd ingediend;

4.3.

beveelt dat een afschrift van deze beslissing wordt toegezonden aan:

* de rechter;

* de teamvoorzitter van het team waarin de rechter werkzaam is;

* alle in de aanhef van deze uitspraak genoemde betrokken partijen.

Deze beslissing is genomen in raadkamer op 14 december 2021 door mr. Peters,

mr. Kok en mr. Tempel, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier,

mr. Rockx. De griffier is niet in staat om deze beslissing te ondertekenen.