Verbintenissenrecht
Voorlopige voorziening. Ingetrokken. Overeenstemming.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 11 februari 2025
ECLI:NL:RBZWB:2025:789 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 11 februari 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-zeeland-west-brabant/civiel-recht/verbintenissenrecht/rekestprocedure/ecli-nl-rbzwb-2025-789
Zaakgegevens
Op 11 februari 2025 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Middelburg
- Datum uitspraak
- 11 februari 2025
- Datum publicatie
- 13 februari 2025
- Zaaknummer
- C/02/426173 FA RK 24/4047
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Verbintenissenrecht
- Procedure
- RekestprocedureRekestprocedureEen procedure die begint met een verzoekschrift (rekest) aan de rechter in plaats van met een dagvaarding.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBZWB:2025:789
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Voorlopige voorziening. Ingetrokken. Overeenstemming.
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Team Familie- en Jeugdrecht
Middelburg
zaaknummer: C/02/426173 FA RK 24/4047
beschikking betreffende voorlopige voorzieningen
in de zaak van
[vrouw 1] ,
wonende te [woonplaats],
hierna te noemen [vrouw 1],
advocaat mr. W. Tiggelaar,
en
[vrouw 2] ,
wonende te [woonplaats],
hierna te noemen [vrouw 2],
advocaat mr. D.C.A. van Wessel.
1. Het procesverloop
1.1. Dit blijkt uit de volgende stukken:
- het op 2 september 2024 ontvangen verzoekschrift voorlopige voorziening;
- het op 13 januari 2025 ontvangen F-5 formulier van mr. Tiggelaar;
- het op 13 januari 2025 ontvangen F9-formulier van mr. Van Wessel.
1.2. De op 5 december 2024 bepaalde mondelinge behandeling heeft op verzoek van partijen geen doorgang gevonden.
2 De beoordeling
[vrouw 1] heeft bij F5-formulier van 13 januari 2025 van mr. Tiggelaar haar verzoek ingetrokken, omdat partijen overeenstemming hebben bereikt.
Omdat [vrouw 1] haar verzoek heeft ingetrokken, komt de rechtbank niet meer toe aan de beoordeling van dat verzoek. De rechtbank zal [vrouw 1] derhalve niet-ontvankelijk verklaren.
3 De beslissing
De rechtbank:
verklaart [vrouw 1] niet-ontvankelijk in haar verzoek.
Deze beschikking is gegeven door mr. Hopmans, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 11 februari 2025 in tegenwoordigheid van mr. Brok, griffier.