Strafrecht overig

Beroep tegen verkeersboete, gedraging staat vast, ongegrond.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 23 april 2024

Zaakgegevens

Op 23 april 2024 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Zittingsplaats
Tilburg
Datum uitspraak
23 april 2024
Datum publicatie
24 mei 2024
Zaaknummer
10917453 _ MB VERZ 24-122
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2024:3380
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Beroep tegen verkeersboete, gedraging staat vast, ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht

Zittingsplaats Tilburg

zaaknummer : 10917453 \ MB VERZ 24-122

CJIB-nummer : 5062 5422 5184 0053

uitspraakdatum : 23 april 2024

proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)

in de zaak van

naam : [betrokkene]

adres : [adres]

woonplaats : [woonplaats]

hierna: betrokkene

gemachtigde : mr. M. Lagas

Verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.

De zaak is behandeld op de zitting van 23 april 2024. Namens de officier van justitie is verschenen mr. C.M. Oostdam (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is niet verschenen. Namens betrokkene is als waarnemend gemachtigde verschenen mevrouw [naam] . De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: een voertuig parkeren waar dat niet mag (bord E1, parkeerverbod(szone) op 25 juli 2022 op de Leonard van Vechelstraat te Tilburg.

Namens de betrokkene heeft de gemachtigde zich op het standpunt gesteld dat de omstandigheden het opleggen van de boete niet rechtvaardigen. Anders dan de verbalisanten in het zaaksoverzicht hebben opgeschreven stelt betrokkene dat er niet voldoende parkeervakken beschikbaar waren. Betrokkene heeft meerdere rondjes gereden en was genoodzaakt om buiten de vakken te parkeren en zijn kinderen op te halen. Er was sprake van overmacht. Ter zitting heeft betrokkene hieraan toegevoegd dat er sprake was van laden en lossen. De pardontijd die in het zaaksoverzicht is opgenomen komt niet overeen met het Easypark-overzicht van betrokkene. Vanwege verkeersdrukte in verband met de Tilburgse kermis was er geen mogelijkheid om binnen de vakken te parkeren. Betrokkene heeft zijn kinderen zo snel mogelijk opgehaald van school. De omstandigheden van het geval rechtvaardigen de boete niet en deze dient dan ook te worden gematigd tot nihil.

De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep ongegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. Betrokkene heeft geparkeerd in een parkeerverbodzone. De verbalisant stelt gedurende tien minuten geen activiteiten te hebben waargenomen. Ook als betrokkene, zoals hij zelf aangeeft, vier minuten heeft stilgestaan is er sprake geweest van parkeren in plaats van laden en lossen, omdat er geen onmiddellijke en voortdurende activiteit is geweest.

Overwegingen

De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken in het dossier - met name uit de verklaring van de verbalisant - voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd geen aanleiding om te twijfelen aan de verklaring van de verbalisant. Onder laden en lossen moet volgens vaste rechtspraak worden verstaan: het onmiddellijk nadat het voertuig tot stilstand is gebracht bij voortduring in- en uitladen van goederen gedurende de tijd die daarvoor nodig is. De verbalisant heeft gedurende tien minuten geen activiteiten waargenomen. Betrokkene stelt zelf vier minuten weg te zijn geweest. De kantonrechter stelt vast dat er gedurende enige tijd geen activiteit bij het voertuig is geweest. Hieruit volgt dat geen sprake is van laden en lossen, maar van (foutief) parkeren. De boete is dus terecht opgelegd.

De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen.

Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.

Gelet hierop is er geen aanleiding voor het toekennen van een proceskostenvergoeding.

Beslissing

De kantonrechter:

  • verklaart het beroep ongegrond;

  • wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. S.W.M. Speekenbrink, kantonrechter, bijgestaan door de griffier K. Verdult, en in het openbaar uitgesproken op 23 april 2024.

Als u het niet eens bent met deze beslissing, dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als:

  1. de boete meer dan € 110,00 bedraagt, of

  2. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.

Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team strafrecht, Postbus 90008, 4800 PA Breda. Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde.

U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.

De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in het beroepschrift uitdrukkelijk vraagt om een zitting waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.

Datum verzending: