Strafrecht overig
beroep tegen verkeersboete, gedraging staat vast, reden om boete te matigen, gedeeltelijk gegrond
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 14 mei 2025
ECLI:NL:RBZWB:2025:4462 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 14 mei 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-zeeland-west-brabant/strafrecht/strafrecht-overig/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbzwb-2025-4462
Zaakgegevens
Op 14 mei 2025 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Middelburg
- Datum uitspraak
- 14 mei 2025
- Datum publicatie
- 10 juli 2025
- Zaaknummer
- 11260786 MB VERZ 24-671
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBZWB:2025:4462
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
beroep tegen verkeersboete, gedraging staat vast, reden om boete te matigen, gedeeltelijk gegrond
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Team strafrecht
Zittingsplaats Middelburg
zaaknummer: 11260786 \ MB VERZ 24-671
CJIB-nummer: 0062 5422 5557 0510
uitspraakdatum: 14 mei 2025
proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van
naam : [betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : [woonplaats]
hierna: betrokkene
gemachtigde : [gemachtigde]
Verloop van de procedure
Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 14 mei 2025. Namens de officier van justitie is verschenen mr. C.S. de Meer (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is ook verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.
Standpunten
De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: als bestuurder tijdens het rijden een mobiel elektronisch apparaat vasthouden op de Schroeweg te Middelburg op
3 februari 2023 om 18.02 uur
Gemachtigde heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat de boete niet redelijk is gelet op de omstandigheden waaronder de gedraging heeft plaatsgevonden. Betrokkene wilde bereikbaar zijn voor haar zoon. De mobiele telefoon viel tijdens het rijden echter van het dashboard. Betrokkene wilde daarom kijken of haar telefoonscherm niet kapot was maar is zich bewust van de risico’s van het vasthouden van een mobiele telefoon tijdens het rijden. De verbalisant had kunnen volstaan met het geven van een waarschuwing gelet op de omstandigheden en dat dit de eerste keer is dat betrokkene een boete hiervoor ontvangt.
Ter zitting heeft betrokkene hieraan toegevoegd niet te hebben gebeld met de telefoon en dat de boete een flinke financiële aanslag was op het inkomen van betrokkene.
De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep ongegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. De zittingsvertegenwoordiger begrijpt de situatie dat betrokkene bereikbaar moest blijven. Het is echter de verantwoordelijkheid van betrokkene de telefoon goed vast te zetten tijdens het rijden. Als de mobiele telefoon dan alsnog valt dient een gelegenheid te worden gezocht waar veilig gestopt kan worden om de telefoon op te pakken. De zittingsvertegenwoordiger ziet geen reden het sanctiebedrag te matigen.
Overwegingen
De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken in het dossier - met name uit de verklaring van de verbalisant - voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. Dit wordt ook niet betwist.
De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd geen aanleiding om te twijfelen aan de verklaring van de verbalisant.
De boete is dus terecht opgelegd.
De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd wel aanleiding om de boete te matigen gelet op de omstandigheden. De boete zal worden gematigd tot € 125,-. Matiging tot nihil is niet aan de orde omdat betrokkene verantwoordelijk blijft voor de gedraging.
Het beroep is gelet op de matiging gedeeltelijk gegrond. De beslissing van de officier van justitie zal worden gewijzigd. Het bedrag dat betrokkene te veel aan zekerheid heeft betaald moet door de officier van justitie worden terugbetaald.
Beslissing
De kantonrechter:
? verklaart het beroep gedeeltelijk gegrond;
? wijzigt de beslissing van de officier van justitie in die zin dat de boete wordt gematigd tot € 125,- plus € 9,- administratiekosten;
? draagt de officier van justitie op het bedrag van € 225,-, dat betrokkene te veel als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terug te betalen.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.A.V. van Aardenne, kantonrechter, bijgestaan door de griffier C.G. Zevenhuijzen, en in het openbaar uitgesproken op 14 mei 2025.
Als u het niet eens bent met deze beslissing , dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als:
-
de boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
-
uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.
Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team strafrecht, postbus 67, 4330 AB Middelburg. Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde.
U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in het beroepschrift uitdrukkelijk vraagt om een zitting waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.
Datum verzending: