41 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtArt. 2.14, 5.3, 6.2 en 6.38 Wet IB 2001. Verplichting tot het doen van periodieke uitkeringen (giften) vormt…
Parket bij de Hoge Raad|27 februari 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BD9217
standpunt in overeenstemming is met de tekst van het eerste lid van artikel 2.14 Wet IB 2001. Genoemde bepaling ziet niet op samenloop van voordelen (in casu de betaling van de jaarlijkse … voortvloeit en niet op de bron zelf. Voorts lijkt het tweede lid van artikel 2.14 Wet IB 2001 slechts te zijn opgenomen om toedeling van hetzelfde vermogensbestanddeel (als bron) aan de verschillende
- BelastingrechtCassatiePensioen voormalig griffier Internationaal Gerechtshof; vrijstelling?, Statuut van het IGH art. 32, lid 8…
Hoge Raad|16 januari 2009|ECLI:NL:HR:2009:BF7264Aangehaald in 34 uitspraken
fiscaal onzuiver pensioen van een internationale organisatie: art. 11, lid 1, letter g, art. 2.14 Wet IB 2001, wetswijziging met terugwerkende kracht, compensatie van verlaging heffing in box 1 met corresponderende verhoging
- BelastingrechtCassatieInkomstenbelasting; art. 1.7, lid 2, letter c, Wet IB 2001; art. 2.14 Wet IB 2001; art. 3.81 Wet IB 2001…
Hoge Raad|19 juni 2026|ECLI:NL:HR:2026:961
Inkomstenbelasting; art. 1.7, lid 2, letter c, Wet IB 2001; art. 2.14 Wet IB 2001; art. 3.81 Wet IB 2001; art. 3.82, aanhef en letter b, Wet IB 2001
- BelastingrechtPensioen voormalig griffier Internationaal Gerechtshof; vrijstelling?, Statuut van het IGH art. 32, lid 8…
Parket bij de Hoge Raad|16 januari 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BF7264
fiscaal onzuiver pensioen van een internationale organisatie: art. 11, lid 1, letter g, art. 2.14 Wet IB 2001, wetswijziging met terugwerkende kracht, compensatie van verlaging heffing in box 1 met corresponderende verhoging
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigInkomstenbelasting. Artikel 11 UBLB ziet niet op uitkeringen op grond van de verplichte verzekering ingevolge…
Rechtbank Haarlem|24 april 2009|ECLI:NL:RBHAA:2009:BI3149
dienstbetrekking ingevolge artikel 10 Wet LB. WW-uitkering is krachtens de rangorderegeling van artikel 2.14 Wet IB 2001 niet tevens aan te merken als een periodieke uitkering krachtens 3.101 Wet IB 2001 … IB 2001 dient te worden gerangschikt is de uitkering krachtens de rangorderegeling van artikel 2.14 Wet IB 2001 niet tevens aan te merken als een periodieke uitkering krachtens 3.101 Wet IB 2001
- BelastingrechtArt. 2.14, 3.119a, 10bis.1, 10bis.9 Wet IB 2001. Bestaande eigenwoningschuld. Verhouding rangorderegeling tot…
Parket bij de Hoge Raad|20 december 2024|ECLI:NL:PHR:2024:1403
overzicht 1.1 Deze zaak gaat over de verhouding tussen de rangorderegeling in art. 2.14 Wet IB 2001 en het overgangsrecht in hoofdstuk 10bis Wet IB 2001 dat is getroffen voor bestaande eigenwoningschulden … neerkomt dat de Rechtbank een onjuiste toepassing heeft gegeven aan de rangorderegeling van art. 2.14 Wet IB 2001 en het overgangsrecht zoals opgenomen in art. 10bis.1 Wet IB 2001. 2.10 De toelichting
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigDe contante waarde van een lijfrenteverplichting kan niet als schuld in aftrek worden gebracht op de…
Rechtbank Haarlem|18 september 2007|ECLI:NL:RBHAA:2007:BB3785
standpunt in overeenstemming is met de tekst van het eerste lid van artikel 2.14 Wet IB 2001. Genoemde bepaling ziet niet op samenloop van voordelen (in casu de betaling van de jaarlijkse … voortvloeit en niet op de bron zelf. Voorts lijkt het tweede lid van artikel 2.14 Wet IB 2001 slechts te zijn opgenomen om toedeling van hetzelfde vermogensbestanddeel (als bron) aan de verschillende
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigVordering (in box 1) en schuld (in box 3) op een Holding zijn met elkaar verrekend. Geen sprake van samenloop…
Rechtbank Haarlem|19 oktober 2011|ECLI:NL:RBHAA:2011:BW6151
Holding zijn met elkaar verrekend. Geen sprake van samenloop als bedoeld in artikel 2.14 Wet IB 2001. Het ter behoud van rechten opleggen van een aanslag met zowel een correctie
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigRangorderegeling artikel 2.14 Wet IB 2001. Door dga aan de eigen holdingmaatschappij in gebruik gegeven…
Rechtbank Arnhem|3 juni 2010|ECLI:NL:RBARN:2010:BM8652
Rangorderegeling artikel 2.14 Wet IB 2001. Door dga aan de eigen holdingmaatschappij in gebruik gegeven werkruimte in de eigen woning (vóór 1 januari 2005)? Is de vergoeding die daarvoor wordt ontvangen
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigRangorderegeling artikel 2.14 Wet IB 2001. Door dga aan de eigen holdingmaatschappij in gebruik gegeven…
Rechtbank Arnhem|3 juni 2010|ECLI:NL:RBARN:2010:BM8646
Rangorderegeling artikel 2.14 Wet IB 2001. Door dga aan de eigen holdingmaatschappij in gebruik gegeven werkruimte in de eigen woning (vóór 1 januari 2005)? Is de vergoeding die daarvoor wordt ontvangen
- BelastingrechtHoger beroepBelanghebbende sloot derivaten af namens zijn werkgever. Dat gebeurde via een tussenpersoon. Op basis van een…
Gerechtshof Den Haag|6 oktober 2020|ECLI:NL:GHDHA:2020:2097Aangehaald in 5 uitspraken
Belanghebbende sloot derivaten af namens zijn werkgever. Dat gebeurde via een tussenpersoon. Op basis van een met die tussenpersoon gemaakte doorbetalingsafspraak ontving belanghebbende een percentage van de met de derivatentransacties verband houdende provisies. Het Hof oordeelt dat de door belanghebbende ontvangen…
- BelastingrechtIn Nederland wonende grensarbeider, wiens in België gevestigde werkgever niet ingevolge de Wet-LB…
Parket bij de Hoge Raad|20 juni 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BC4763
werkzaamheden in de zin van artikel 3.90 Wet IB 2001. De rangorderegeling in artikel 2.14 Wet IB 2001 verhindert dit. 3. Privé-gebruik van de (door een buitenlandse werkgever) ter beschikking gestelde … artikel 3.90 Wet IB 2001. Ook op basis van de rangorderegeling in artikel 2.14 Wet IB 2001 kan het voordeel dus niet alsnog worden belast als een resultaat uit overige werkzaamheden
- BelastingrechtVN pensioenuitkeringen. Weigering van een ambtshalve vermindering. Is sprake van nieuwe jurisprudentie?…
Parket bij de Hoge Raad|26 januari 2024|ECLI:NL:PHR:2024:102Aangehaald in 6 uitspraken
Invoeringswet op grond van haar strekking voorgaat boven de algemene rangorderegeling van art. 2.14 Wet IB 2001. Van belang is de betekenis die de Hoge Raad in het arrest van 18 oktober
- BelastingrechtA-G Niessen heeft conclusie genomen in een zaak over de vraag of het in een Liechtensteinse Stiftung…
Parket bij de Hoge Raad|18 september 2020|ECLI:NL:PHR:2020:842
A-G Niessen heeft conclusie genomen in een zaak over de vraag of het in een Liechtensteinse Stiftung ingebrachte vermogen kwalificeert als een APV in de zin van artikel 2.14a, lid 2, Wet IB 2001, en of dit vermogen aan belanghebbende moet worden toegerekend. De vader van belanghebbende heeft in 2007 een Stiftung…
- BelastingrechtCassatieInkomstenbelasting; art. 2.14, 3.119a, 10bis.1, 10bis.9 Wet IB 2001. Bestaande eigen woningschuld. Verhouding…
Hoge Raad|14 maart 2025|ECLI:NL:HR:2025:378
weergegeven oordeel een onjuiste toepassing heeft gegeven aan de rangorderegeling van artikel 2.14 Wet IB 2001 en het overgangsrecht zoals opgenomen in artikel 10bis.1 Wet IB 2001, faalt het om de redenen
- BelastingrechtWet IB 2001. Inkomsten uit trust. Box 1 of box 3?
Parket bij de Hoge Raad|26 oktober 2007|ECLI:NL:PHR:2007:AY5991
Wet IB 2001. Inkomsten uit trust. Box 1 of box 3? Nr
- BelastingrechtArt. 5.3, lid 3, Wet IB 2001 (tekst tot 30 december 2009). Alimentatieverplichtingen jegens ex-echtgenote en…
Parket bij de Hoge Raad|11 februari 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BO0403
Art. 5.3, lid 3, Wet IB 2001 (tekst tot 30 december 2009
- BelastingrechtArt. 3.101 en 3.104 Wet IB 2001. Is de bijzondere invaliditeitsverhoging (BIV) belastbaar als periodieke…
Parket bij de Hoge Raad|28 augustus 2026|ECLI:NL:PHR:2026:824
aanspraak op de BIV). Middel 1 faalt daarom. - (8.34-8.37) De rangorderegeling van art. 2.14 Wet IB 2001 staat – anders dan middel 3 betoogt – niet eraan … gericht tegen rov. 4.12 met het betoog dat de rangorderegeling van art. 2.14 Wet IB 2001 eraan in de weg staat om de BIV als publiekrechtelijke periodieke uitkering in de heffing
- BelastingrechtHoger beroepBodemloze putlening. Binnen de bron resultaat uit overige werkzaamheden is geen ruimte voor het ten laste van…
Gerechtshof Amsterdam|19 april 2012|ECLI:NL:GHAMS:2012:BW5860
stelt ten aanzien van het subsidiaire standpunt van belanghebbende voorop dat artikel 2.14 Wet IB 2001 niets zegt over de vraag of een geldverstrekking als kapitaal dan wel als lening moet worden
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigTer beschikkingsregeling ex art. 3.92 Wet OB 01. Eiser kan een verlies van € 262.668 ten laste van zijn box 1…
Rechtbank Haarlem|2 december 2008|ECLI:NL:RBHAA:2008:BH1558
mogelijk is, is gesteld noch gebleken. Overigens moet, gelet op het bepaalde in artikel 2.14 Wet IB 2001, de lening allereerst in box I in aanmerking worden genomen en niet
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.