10 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtVertrouwensbeginsel. Kan vertrouwen worden ontleend aan (ingetrokken) vrijstellingsverklaringen…
Parket bij de Hoge Raad|22 november 2024|ECLI:NL:PHR:2024:1255
staat de genuanceerde behandeling van toerekening in het civiele recht. Op grond van art. 3:66 BW worden wil(sgebreken) en (on)bekendheid met feiten van een gevolmachtigde toegerekend aan de volmachtgever
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigvraag of het Land Sint Maarten al dan niet bevoegd was vertegenwoordigd bij het aangaan van een…
Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten|5 april 2016|ECLI:NL:OGEAM:2016:21
Sint Maarten (“de Rijkswet”), de Comptabiliteitslandsverordening en evenmin aan artikel 3:60 juncto 3:66 BW en 3:40 BW. 4.5. Conclusies van het Land: er is geen schikkingsovereenkomst tot stand gekomen … Gerecht van oordeel dat het beroep van het Land op artikel 3:60 juncto 3:66 BW niet opgaat. De Rijkswet is van een hogere orde is dan het Burgerlijk Wetboek
- Bestuursrecht overigVoorlopige voorzieningCollege van Beroep voor het bedrijfsleven · Voorlopige voorziening · Bestuursrecht overig
College van Beroep voor het bedrijfsleven|2 september 2005|ECLI:NL:CBB:2005:AU1937
heeft het karakter van een volmacht of overeenkomst van opdracht. Op grond van artikel 3:66 BW treffen de gevolgen van handelen van SBC verweerder. Verzoekster mocht aannemen dat SBC een toereikende
- BelastingrechtGemeenschappelijke bijlage bij de conclusies van 30 mei 2025 in de zaken met: 24/04262 ECLI:NL:PHR:2025:623…
Parket bij de Hoge Raad|30 mei 2025|ECLI:NL:PHR:2025:652Aangehaald in 21 uitspraken
beginsel niet tegen overeenkomstige toepassing van de art. 3:60 tot en met 3:66 BW. Datzelfde geldt voor de art. 3:69 BW tot en met 3:77 BW. Art. 3
- BelastingrechtHet geschil ziet op de vraag of (een) belanghebbende (ook) recht heeft op een vergoeding voor immateriële…
Parket bij de Hoge Raad|9 februari 2017|ECLI:NL:PHR:2017:81Aangehaald in 6 uitspraken
Het geschil ziet op de vraag of (een) belanghebbende (ook) recht heeft op een vergoeding voor immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn van behandeling in bezwaar en beroep, indien het bedrag van de (eventuele) vergoeding, op grond van een ‘no cure no pay’-afspraak, gemaakt tussen de…
- BelastingrechtHoger beroepGeen ondernemer voor de BTW
Gerechtshof Amsterdam|11 februari 2025|ECLI:NL:GHAMS:2025:1156
Geen ondernemer voor de BTW
- BelastingrechtArtikel 16, lid 1, AWR, navordering, toerekenen aan de belastingplichtige van kwade trouw van degene die de…
Parket bij de Hoge Raad|23 januari 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BD3566
komt ook tot uitdrukking in artikel 3.3.6 van het nieuwe Burgerlijk Wetboek (thans art. 3:66 BW; PJW)." 4.6 De artt. 3:60, lid 1, en 3:61, lid 1, BW luiden
- BelastingrechtA-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van de beroepen in cassatie, over en weer, van [X]…
Parket bij de Hoge Raad|26 april 2018|ECLI:NL:PHR:2018:469
A-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van de beroepen in cassatie, over en weer, van [X] Beheer BV, belanghebbende, en de Staatssecretaris van Financiën, tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 27 juni 2017. Met dagtekening 15 maart 2014 is aan belanghebbende de aanslag…
- BelastingrechtConclusie PG (Geen) toerekening kwade trouw gemachtigde aan belastingplichtige bij navordering. Deze zaken…
Parket bij de Hoge Raad|23 januari 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BH0609
komt ook tot uitdrukking in artikel 3.3.6 van het nieuwe Burgerlijk Wetboek (thans art. 3:66 BW; PJW)." 4.6 De artt. 3:60, lid 1, en 3:61, lid 1, BW luiden
- BelastingrechtConclusie PG (Geen) toerekening kwade trouw gemachtigde aan belastingplichtige bij navordering. Deze zaken…
Parket bij de Hoge Raad|23 januari 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BH0608
komt ook tot uitdrukking in artikel 3.3.6 van het nieuwe Burgerlijk Wetboek (thans art. 3:66 BW; PJW)." 4.6 De artt. 3:60, lid 1, en 3:61, lid 1, BW luiden
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.