11 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtAanmerkelijkbelangregeling; economisch belang, optie en genotsrecht
Parket bij de Hoge Raad|26 juni 2026|ECLI:NL:PHR:2026:635
hield en subsidiair dat het belang een genotsrecht is in de zin van art. 4.3 Wet IB 2001. 3.3 In zijn verweerschrift heeft belanghebbende bevestiging van de uitspraak van het Hof bepleit … behaald met de aandelen. Daardoor had die belastingplichtige een genotsrecht zoals bedoeld in art. 4.3 Wet IB 2001 in verbinding met art. 5.22(3) Wet IB 2001. Het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch oordeelde
- BelastingrechtHoger beroepBelanghebbende verkrijgt, samen met anderen, via een geldlening (€ 550.000) met [Fonds] het economische…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|21 januari 2026|ECLI:NL:GHSHE:2026:142
aandelen. Belanghebbende heeft daarom een genotsrecht op die aandelen als bedoeld in artikel 4.3 Wet IB 2001 in verbinding met artikel 5.22, lid 3, Wet IB 2001. De genotsgerechtigde wordt gelijkgesteld … betekent dat belanghebbende een genotsrecht op de aandelen heeft als bedoeld in artikel 4.3 Wet IB 2001 in verbinding met artikel 5.22, lid 3, Wet IB 2001. Op grond van artikel 4.3
- Belastingrecht- Invorderingswet; artikelen 25 en 26 - Successierecht - Inkomstenbelasting - Wet IB 2001; artikelen 4.10…
Parket bij de Hoge Raad|25 september 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BD0236
pakket vormde voor erflater een aanmerkelijk belang in de zin van afdeling 4.3 Wet IB 2001. Voor het Hof was tussen partijen niet in geschil dat de door belanghebbende verkregen (blote eigendom … niet aansluitend is gaan behoren tot een aanmerkelijk belang in de zin van afdeling 4.3 Wet IB 2001. 2.5. Aan de overige kinderen, met uitzondering van X2, belanghebbende in de zaak
- BelastingrechtConclusie PG: Successierecht. Heeft een in Canada wonende verkrijger van een fictief aanmerkelijk belang geen…
Parket bij de Hoge Raad|25 september 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BD0239
pakket vormde voor erflater een aanmerkelijk belang in de zin van afdeling 4.3 Wet IB 2001. Voor het Hof was tussen partijen niet in geschil dat de door belanghebbende verkregen (blote eigendom … niet aansluitend is gaan behoren tot een aanmerkelijk belang in de zin van afdeling 4.3 Wet IB 2001. 2.5. Aan de overige kinderen, met uitzondering van X1, belanghebbende in de zaak
- BelastingrechtHoger beroepIB/PVV. Dividenduitkeringen. Aanmerkelijk belang? Economische gerechtigdheid.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|17 juni 2025|ECLI:NL:GHARL:2025:3676
IB/PVV. Dividenduitkeringen. Aanmerkelijk belang? Economische gerechtigdheid.
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigvermindering schenkbelasting: geen dwaling
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|3 april 2024|ECLI:NL:RBZWB:2024:2144
certificaten behoorden bij de ouders tot een aanmerkelijk belang als bedoeld in afdeling 4.3 Wet IB 2001. Op verzoek van de kinderen is daarbij de bedrijfsopvolgingsregeling (hierna: BOR) zoals bedoeld in artikel
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigvermindering schenkbelasting: geen dwaling
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|3 april 2024|ECLI:NL:RBZWB:2024:2145
certificaten behoorden bij de ouders tot een aanmerkelijk belang als bedoeld in afdeling 4.3 Wet IB 2001. Op verzoek van de kinderen is daarbij de bedrijfsopvolgingsregeling (hierna: BOR) zoals bedoeld in artikel
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigvermindering schenkbelasting: geen dwaling
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|3 april 2024|ECLI:NL:RBZWB:2024:2143
certificaten behoorden bij de ouders tot een aanmerkelijk belang als bedoeld in afdeling 4.3 Wet IB 2001. Op verzoek van de kinderen is daarbij de bedrijfsopvolgingsregeling (hierna: BOR) zoals bedoeld in artikel
- BelastingrechtInkomen uit aanmerkelijk belang, economisch belang, verlengde navorderingstermijn
Parket bij de Hoge Raad|30 januari 2026|ECLI:NL:PHR:2026:123
gerechtigde is tot de voordelen uit [D] , dat belanghebbende daarom op grond van art. 4.3 Wet IB 2001 moet worden gelijkgesteld met een (enig) aandeelhouder van deze vennootschap
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigDividendbelasting/strijd met vrijheid van kapitaalverkeer Buitenlandse portfolio-aandeelhouders van in…
Rechtbank Breda|14 september 2011|ECLI:NL:RBBRE:2011:BU1901
Nederland gevestigde vennootschap. De aandelen vormen geen aanmerkelijk belang als bedoeld in afdeling 4.3. Wet IB 2001. De gemiddelde waarde van belanghebbendes belang in [de vennootschap] bedroeg
- BelastingrechtConclusie PG: Feiten: De belanghebbende is inwoonster van België en heeft Nederlands dividend genoten waarop…
Parket bij de Hoge Raad|25 april 2013|ECLI:NL:PHR:2013:CA1565
houdt. De belanghebbende houdt geen aanmerkelijk belang in Holding in de zin van afdeling 4.3 Wet IB 2001. De gemiddelde waarde van haar certificaten Holding bedroeg in 2007 € 1.298.245. Zij heeft
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.