12 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtArtikel 13b Wet Vpb 1969 (oud). Omzetting van een onvolwaardige regresvordering uit borgstelling in informeel…
Parket bij de Hoge Raad|2 oktober 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BI0465
Hoge Raad een beroep gedaan kunnen worden op de wetsgeschiedenis van art. 6:21 BW (niet op art. 6:21 BW zelf, want dit spreekt slechts van een voorwaardelijke vordering (verbintenis) indien … gezegd niet voor. Zie ook Asser/Hartkamp II (1993), nr. 275 naar aanleiding van art. 6:21 BW." Ook HR NJ 2002, 393(19) betrof een Antilliaanse zaak. Overeenkomstig de conclusie
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigInkomstenbelasting. Nagekomen bedrijfsbate. Navordering. Eiseres, haar echtgenoot en twee zoons waren de…
Rechtbank 's-Gravenhage|12 augustus 2011|ECLI:NL:RBSGR:2011:BR6834
wanneer bij rechtshandeling haar werking van een toekomstige onzekere gebeurtenis afhankelijk is gesteld (art. 6:21 BW). Een opschortende voorwaarde doet de werking van de verbintenis eerst met het plaatsvinden … geregeld moesten worden moeten worden aangemerkt als toekomstige onzekere gebeurtenissen als bedoeld in artikel 6:21 BW. De rechtbank is daarom van oordeel dat tussen de echtgenoot en de koper een verbintenisscheppende
- BelastingrechtArt. 19, lid 1, letter a, WBRV. Samenloop van twee leveringen, één onder ontbindende en één onder…
Parket bij de Hoge Raad|5 december 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BD9220
slechts een recht verkregen, dat aan dezelfde voorwaarde als die verbintenis is onderworpen. (art. 6:21 BW) Een verbintenis is voorwaardelijk, wanneer bij rechtshandeling haar werking van een toekomstige onzekere gebeurtenis afhankelijk
- BelastingrechtHoger beroepOverdrachtsbelasting. Verkrijging bedrijfspand. Vrijstelling krachtens herstel? Ontbindenede voorwaarde?…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|11 oktober 2016|ECLI:NL:GHARL:2016:8041
gevolg van de vervulling van een ontbindende voorwaarde. Ontbindende voorwaarde 4.2. Ingevolge artikel 6:21 BW is een verbintenis voorwaardelijk, wanneer bij rechtshandeling haar werking van een toekomstige onzekere gebeurtenis afhankelijk
- BelastingrechtHoger beroepOverdrachtsbelasting. Teruglevering woning. Is de toestand van vóór de verkrijging zowel feitelijk als…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|3 november 2020|ECLI:NL:GHARL:2020:9063
recht van wederinkoop geen ontbindende voorwaarde kan zijn omdat op grond van artikel 6:21 BW een verbintenis slechts voorwaardelijk is, wanneer bij rechtshandeling haar werking van een toekomstige onzekere gebeurtenis afhankelijk
- BelastingrechtHoger beroepOverdrachtsbelasting. Teruglevering woning. Is de toestand van vóór de verkrijging zowel feitelijk als…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|3 november 2020|ECLI:NL:GHARL:2020:9062
recht van wederinkoop geen ontbindende voorwaarde kan zijn omdat op grond van artikel 6:21 BW een verbintenis slechts voorwaardelijk is, wanneer bij rechtshandeling haar werking van een toekomstige onzekere gebeurtenis afhankelijk
- BelastingrechtHoger beroepOverdrachtsbelasting. Verkrijging bedrijfspand. Vrijstelling krachtens herstel van toepassing? Ontbindende…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|11 oktober 2016|ECLI:NL:GHARL:2016:8044
gevolg van de vervulling van een ontbindende voorwaarde. Ontbindende voorwaarde 4.2. Ingevolge artikel 6:21 BW is een verbintenis voorwaardelijk, wanneer bij rechtshandeling haar werking van een toekomstige onzekere gebeurtenis afhankelijk
- BelastingrechtA-G IJzerman heeft conclusie genomen over de vraag of in 2013 bij vijf afzonderlijke notariële akten gedane…
Parket bij de Hoge Raad|21 september 2022|ECLI:NL:PHR:2022:843
A-G IJzerman heeft conclusie genomen over de vraag of in 2013 bij vijf afzonderlijke notariële akten gedane voorwaardelijke schenkingen voor toekomstige jaren voor het schenkingsrecht niet per jaar in aanmerking moeten worden genomen, maar als schenking van een periodieke uitkering in 2013. Het betreft de beroepen van…
- BelastingrechtDriehoeksfusie; voorwaardelijke informele kapitaalstorting; moedervennootschap neemt betalingsverplichting op…
Parket bij de Hoge Raad|21 juni 2024|ECLI:NL:PHR:2024:663
Driehoeksfusie; voorwaardelijke informele kapitaalstorting; moedervennootschap neemt betalingsverplichting op zich voor de koopsom voor aandelen in een target die in handen komen van een (achterklein)dochtervennootschap als aan opschortende voorwaarden wordt voldaan: (i) Kan de voorwaardelijke betalingsverplichting…
- BelastingrechtBelanghebbende heeft zich op 30 augustus 2007 borg gesteld ten behoeve van een…
Parket bij de Hoge Raad|16 augustus 2016|ECLI:NL:PHR:2016:864
Belanghebbende heeft zich op 30 augustus 2007 borg gesteld ten behoeve van een aanmerkelijk-belangvennootschap (hierna: de BV). De borgstelling heeft betrekking op een door de bank aan de BV verstrekte schuld van € 150.000. Bij vonnis van 11 mei 2010 is de BV failliet verklaard. Op 23 juni 2011 heeft de bank…
- BelastingrechtAftrekbeperking ex art. 10(1)(j) Wet Vpb, werknemers-aandelenoptierechten toegekend onder opschortende…
Parket bij de Hoge Raad|1 december 2023|ECLI:NL:PHR:2023:1096
Aftrekbeperking ex art. 10(1)(j) Wet Vpb, werknemers-aandelenoptierechten toegekend onder opschortende voorwaarden worden cash afgekocht; kapitaalsfeer? Onderscheid opschortende en ontbindende voorwaarden; art. 6:22 BW; verhouding tot werknemersoptie- en conversierechtarresten en tot de gesplitst-belangdoctrine…
- BelastingrechtSchenking onder opschortende voorwaarde; tijdstip totstandkoming i.v.m. artikel 3, lid 1, SW.
Parket bij de Hoge Raad|30 maart 2007|ECLI:NL:PHR:2007:AV0426
begrip zelf . In het BW is een definitie van een voorwaardelijke verbintenis opgenomen; artikel 6:21 BW bepaalt: "Een verbintenis is voorwaardelijk, wanneer bij rechtshandeling haar werking van een toekomstige onzekere gebeurtenis
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.