14 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigInternationaal Privaatrecht. Recht inzake cultuurgoederen. Krimschatten. Teruggave van zich in Nederland…
Parket bij de Hoge Raad|27 januari 2023|ECLI:NL:PHR:2023:118
Eerste Protocol EVRM? Oekraïense museumwetgeving en ministeriële ‘Order’ voorrangsregel in zin art. 10:7 BW?; maatstaf. Begrip ‘onrechtmatige uitvoer’ in zin UNESCO-verdrag 1970 (Trb. 1983, 66) en art. 6.3 Erfgoedwet. Onttrekking … Oekraïense Museumwet heeft genomen, de status van ‘voorrangsregel’ in de zin van art. 10:7 BW hebben en dat op basis daarvan de kunstschatten aan de Staat Oekraïne moeten worden afgegeven
- Civiel recht overigCassatieGeschil over teruggave van ‘Krimschatten’. Vordering van musea op de Krim en van Staat Oekraïne tot afgifte…
Hoge Raad|9 juni 2023|ECLI:NL:HR:2023:865Aangehaald in 7 uitspraken
Nederlands museum vóór afscheiding van de Krim van Oekraïne. Internationaal privaatrecht. Buitenlandse voorrangsregel (art. 10:7 BW). Strijd van buitenlandse regeling inzake bescherming van cultureel erfgoed met art. 1 Eerste Protocol EVRM … zwaarwegende openbare belang van de Staat Oekraïne leidt het bepaalde in art. 10:7 BW ertoe dat aan het regime van de Museumwet met de daarop gebaseerde Regulation en Order
- Civiel recht overigKort gedingBevoegdheidsverweer wordt verworpen. Beroep van gedaagde op een Turkse bepaling slaagt niet omdat de in…
Rechtbank Amsterdam|24 november 2014|ECLI:NL:RBAMS:2014:8502
bepaling slaagt niet omdat de in geschil zijnde SHA onvoldoende met Turkije is verbonden (10:7 BW). Gedaagde moet de in de SHA opgenomen leveringsverplichting nakomen. Niet aannemelijk
- Internationaal privaatrechtHoger beroepIPR; Bevoegdheid Nederlandse rechter; Agentuur richtlijn; Geldigheid clausule arbitrage New York
Gerechtshof Den Haag|28 november 2017|ECLI:NL:GHDHA:2017:3933
meer kunnen spelen bij de geldigheids-/bevoegdheidstoets (vgl. de artikelen 10:6 en 10:7 BW). Nederland kan er immers belang bij hebben dat hier te lande gevestigde partijen voldoende toegang hebben
- Civiel recht overigHoger beroepUitspraak Krimschatten. Zie: ECLI:NL:GHAMS:2019:2427.
Gerechtshof Amsterdam|26 oktober 2021|ECLI:NL:GHAMS:2021:3201
Uitspraak Krimschatten. Zie: ECLI:NL:GHAMS:2019:2427.
- Civiel recht overigHoger beroepvordering tot vernietiging arbitraal vonnis
Gerechtshof Den Haag|5 april 2022|ECLI:NL:GHDHA:2022:576
zogenaamde voorrangsregels van een ander rechtstelsel. Voor dit geval is dat neergelegd in artikel 10:7 BW. Lid 1 van dit artikel omschrijft voorrangsregels als bepalingen van bijzonder dwingend recht
- Civiel recht overigHoger beroepVerplichte deelneming in bedrijfstakpensioenfonds voor Duitse chauffeurs in dienst van Nederlandse…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|19 januari 2021|ECLI:NL:GHARL:2021:472
Verplichte deelneming in bedrijfstakpensioenfonds voor Duitse chauffeurs in dienst van Nederlandse onderneming. Wet Bpf 2000 geen bijzonder dwingend recht artikel 9 Rome I.
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigNederlands: “Eind 2014 is als gevolg van het Braziliaanse strafrechtelijke onderzoek Lava Jato bekend…
Rechtbank Rotterdam|26 juli 2023|ECLI:NL:RBROT:2023:6632
Nederlands: “Eind 2014 is als gevolg van het Braziliaanse strafrechtelijke onderzoek Lava Jato bekend geworden dat er binnen het Braziliaanse oliebedrijf Petrobras jarenlang op zeer grote schaal is gefraudeerd. In ruil voor steekpenningen aan hooggeplaatste functionarissen binnen Petrobras en aan Braziliaanse politici…
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigVerkoop van leghennen door Belgisch bedrijf aan een ander Belgisch bedrijf. Verkoper koopt de hennen van een…
Rechtbank Gelderland|24 december 2025|ECLI:NL:RBGEL:2025:11634
Verkoop van leghennen door Belgisch bedrijf aan een ander Belgisch bedrijf. Verkoper koopt de hennen van een Nederlands bedrijf. Levering aan de Belgische koper vindt via Nederlands bedrijf plaats. Na levering in België blijken de hennen te zijn besmet met een bacterie. De leghennen zijn daardoor ongeschikt voor het…
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigDe Staat is in 1946 eigenaar geworden van 25 schilderijen, door aanvaarding van het door [erflater]…
Rechtbank Den Haag|10 juni 2026|ECLI:NL:RBDHA:2026:14819
De Staat is in 1946 eigenaar geworden van 25 schilderijen, door aanvaarding van het door [erflater] verstrekte legaat met daaraan verbonden een last (hierna: het legaat). Deze schilderijen behoren tot de collectie van het Mauritshuis. [eisers] vorderen in deze procedure met name om het legaat vervallen te verklaren en…
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigDe Gemeente is in 1946 eigenaar geworden van de collectie in het Brediusmuseum op de Prinsegracht door…
Rechtbank Den Haag|10 juni 2026|ECLI:NL:RBDHA:2026:14817
De Gemeente is in 1946 eigenaar geworden van de collectie in het Brediusmuseum op de Prinsegracht door aanvaarding van het door [erflater] verstrekte legaat met daaraan verbonden een last (hierna: het legaat). Het museum Bredius is sinds 1990 gevestigd aan de lange Vijverberg in Den Haag. Over dit legaat is eerder…
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigzie ook: BY9850 en BY9845. Eindvonnis van de rechtbank Den Haag over de gestelde maar betwiste…
Rechtbank Den Haag|30 januari 2013|ECLI:NL:RBDHA:2013:BY9854
indien er voorrangsregels van Nederlands recht van toepassing zijn in de zin van artikel 10:7 BW. Aan de artikelen van Titel 1 van Boek 10 BW, dat op 1 januari
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigEindvonnis van de rechtbank Den Haag over de gestelde maar betwiste aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad…
Rechtbank Den Haag|30 januari 2013|ECLI:NL:RBDHA:2013:BY9845
Eindvonnis van de rechtbank Den Haag over de gestelde maar betwiste aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad van Shell-vennootschappen voor schade door een olielekkage in 2004 bij het dorp Goi in Nigeria. Vervolg op LJ-nummers BM1470 en BU3538. Zie ook NJB 2012, blzz. 400-406. Zie ook LJN BY9850 en BY9854.
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigEindvonnis van de rechtbank Den Haag over de gestelde maar betwiste aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad…
Rechtbank Den Haag|30 januari 2013|ECLI:NL:RBDHA:2013:BY9850
Eindvonnis van de rechtbank Den Haag over de gestelde maar betwiste aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad van Shell-vennootschappen voor schade door een olielekkage in 2005 bij het dorp Oruma in Nigeria. Vervolg op LJ-nummers BK8616 en en BU3535. Zie ook NJB 2012, blzz. 400-406. Zie ook LJN BY9845 en LJN BY9854
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.