2 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Burgerlijk procesrechtHoger beroepProcesrecht. Artikel 332 Rv, appellant was geen partij in eerste aanleg. Niet-ontvankelijk. Werkelijke…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|26 juni 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:2761
zijn hoedanigheid van executeur-testamentair tevens afwikkelingsbewindvoerder zijn moeder vertegenwoordigt. Volgens [appellant] brengt artikel 322 Rv geen beperking met zich bij een vordering tot tussenkomst in hoger beroep op de voet
- Burgerlijk procesrechtHoger beroepProvisionele vordering; beoordelingsruimte in hoger beroep; afstemmingsregel; toetsingskader.
Gerechtshof Den Haag|17 december 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:3251
rechtbank Rotterdam van 18 juli 2018 in het door RST op basis van artikel 322 Rv geopende incident. 1.2 Bij het hof zijn de volgende stukken ingediend: - de appeldagvaarding van 21 september
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.