11 uitspraken gevonden
Sorteer op: Datum uitspraak
- Strafrecht overigVoorwaardelijk opzet en 'weten dat' conform art. 174 Sr; Medeverdachte levert niet-steriele vloeistoffen aan…
Parket bij de Hoge Raad|18 december 1990|ECLI:NL:PHR:1990:16
Voorwaardelijk opzet en 'weten dat' conform art. 174 Sr; Medeverdachte levert niet-steriele vloeistoffen aan de verdachte, wetende dat de verdachte deze snel moet afleveren. De medeverdachte gaat niet na, of de verdachte voor diens aflevering-zoals toegezegd- heeft gesteriliseerd. Toereikend bewijs dat de…
- Strafrecht overigValsheid in geschrift (art. 225.1 Sr) en oplichting (art. 326.1 Sr). Voortgezette handeling, art. 56.1 Sr?…
Parket bij de Hoge Raad|23 oktober 1990|ECLI:NL:PHR:1990:1
Valsheid in geschrift (art. 225.1 Sr) en oplichting (art. 326.1 Sr). Voortgezette handeling, art. 56.1 Sr? Uit gebezigde b.m. heeft Hof kunnen afleiden dat bewezen verklaarde valsheid in geschrift primair is gepleegd om gemakkelijker financiering van de aankoop van een schip te kunnen verkrijgen. Hof kon overwegen dat…
- Strafrecht overigDoen plegen van valsheid in geschrift (meermalen gepleegd), art. 225.1 Sr. Betekening dagvaarding in eerste…
Parket bij de Hoge Raad|8 mei 1990|ECLI:NL:PHR:1990:AD1172
Doen plegen van valsheid in geschrift (meermalen gepleegd), art. 225.1 Sr. Betekening dagvaarding in eerste aanleg aan adres van verdachte in Frankrijk en verstekverlening, art. 7.3 EVR en art. 588.6 Sv. 1. Klacht over betekeningsgebrek m.b.t. dagvaarding in eerste aanleg in cassatie tardief. 2. Moet bij betekening…
- Strafrecht overigBetekenis van toeeigenen cfm. art. 321 Sr; toereikend bewijs van het als heer en meester — zij het tijdelijk…
Parket bij de Hoge Raad|27 maart 1990|ECLI:NL:PHR:1990:14
Betekenis van toeeigenen cfm. art. 321 Sr; toereikend bewijs van het als heer en meester — zij het tijdelijk — beschikken over andermans gelden en deze te eigen nutte aanwenden; de gestelde solvabiliteit van verdachte doet daaraan niet af.
- Strafrecht overigOntucht door biologische vader aan te merken als ontucht plegen met “zijn minderjarig kind” a.b.i. art. 249.1…
Parket bij de Hoge Raad|27 maart 1990|ECLI:NL:PHR:1990:AD1168
Ontucht door biologische vader aan te merken als ontucht plegen met “zijn minderjarig kind” a.b.i. art. 249.1 Sr? Strekking van art. 249.1 Sr is bescherming te verlenen aan minderjarigen, die als gevolg van afhankelijkheid en overwicht van dader minder weerstand aan hem kunnen bieden dan anderen. De enkele…
- Strafrecht overigVerkopen van onbekende hoeveelheid hennep, art. 3.B Opiumwet. Conversie. Welk rechtsmiddel staat open? Na…
Parket bij de Hoge Raad|6 maart 1990|ECLI:NL:PHR:1990:AD1141
Verkopen van onbekende hoeveelheid hennep, art. 3.B Opiumwet. Conversie. Welk rechtsmiddel staat open? Na veroordeling door Pr heeft Hof verstaan dat verdachte beroep in cassatie heeft ingesteld tegen vonnis Pr. Gelet op art. 11.2 jo. art. 13.2 Opiumwet is aan verdachte mede een misdrijf tlgd. Mitsdien staat krachtens…
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|20 februari 1990|ECLI:NL:PHR:1990:17
Rennende reputatie.
- Strafrecht overigStrafoplegging cfm. art. 31 Wet overdracht tenuitvoerlegging strafvonnissen is geen veroordeling cfm. art. 63 WvSr.
Parket bij de Hoge Raad|13 februari 1990|ECLI:NL:PHR:1990:12
Strafoplegging cfm. art. 31 Wet overdracht tenuitvoerlegging strafvonnissen is geen veroordeling cfm. art. 63 WvSr.
- Strafrecht overigFietspad naast de rijbaan; niet ‘dezelfde weg’ (art. 46 RVV).
Parket bij de Hoge Raad|13 februari 1990|ECLI:NL:PHR:1990:8
Fietspad naast de rijbaan; niet ‘dezelfde weg’ (art. 46 RVV).
- Strafrecht overigVerduisteren in art. 359 Sr heeft de betekenis van wegmaken van hetgeen men onder zich heeft. Daarbij doet…
Parket bij de Hoge Raad|13 februari 1990|ECLI:NL:PHR:1990:5
Verduisteren in art. 359 Sr heeft de betekenis van wegmaken van hetgeen men onder zich heeft. Daarbij doet het er niet toe of de dader datgene wat wordt weggemaakt al dan niet door misdrijf onder zich had.
- Strafrecht overigMedeplegen uitvoer hashish naar Duitsland, meermalen gepleegd (art. 3.A Opiumwet). 1. Geldigheid inleidende…
Parket bij de Hoge Raad|6 februari 1990|ECLI:NL:PHR:1990:AD1139
Medeplegen uitvoer hashish naar Duitsland, meermalen gepleegd (art. 3.A Opiumwet). 1. Geldigheid inleidende dagvaarding. Is tenlastelegging innerlijk tegenstrijdig? 2. Beroep op onrechtmatig verkregen bewijs. 3. Onttrekking aan het verkeer van diverse voorwerpen. 4. Kwalificatieklacht, art. 55.1 Sr. Ad 1. Op in CAG…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.