Zoekresultaten

Voor “"2 Sv"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

5.091 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Strafrecht overig
    Aanwezig hebben van hennepplanten. Levert betreden balkon door opsporingsambtenaren binnentreden ‘woning’…

    Parket bij de Hoge Raad19 december 2017ECLI:NL:PHR:2017:1525

    kent de wetgeving de 'besloten plaats niet zijnde een woning' in art.126g lid 2 Sv, art.126k lid 1 Sv, art.126l lid 2 Sv, art.126o lid 2 Sv, art.126r lid 1 Sv … art.126s lid 2 Sv. Een erf is dus iets anders dan een woning, een besloten plaats kan iets anders dan een woning zijn. Onder 'woning' is te verstaan de ruimte die wordt

  • Strafrecht overigCassatie
    Verlofverlening Rb a.b.i. art. 552p.2 (oud) Sv n.a.v. Belgisch en Frans rechtshulpverzoek m.b.t. verstrekken…

    Hoge Raad30 maart 2021ECLI:NL:HR:2021:486Aangehaald in 10 uitspraken

    beoordeling van het cassatiemiddel zijn de volgende bepalingen van belang: - artikel 22 lid 2 Sv: “Indien behandeling in het openbaar is voorgeschreven, kan de raadkamer gehele of gedeeltelijke behandeling met gesloten deuren … behandeling in raadkamer achterwege blijven. Daartoe kan de raadkamer op grond van artikel 22 lid 2 Sv bevelen dat de gehele behandeling met gesloten deuren plaatsvindt. (Vgl. HR 11 oktober 2005, ECLI

  • Strafrecht overigCassatie
    Telen van hennep (art. 3.B Opiumwet) en aanwezig hebben van hennep (art. 3.C Opiumwet). Hof heeft verdachte…

    Hoge Raad27 mei 2025ECLI:NL:HR:2025:813

    omstandigheid, vermeld in artikel 408 lid 1 Sv. Op grond van artikel 408 lid 2 Sv moet de verdachte in dat geval binnen veertien dagen nadat zich een omstandigheid voordoet waaruit voortvloeit … zich op 17 augustus 2011 een omstandigheid heeft voorgedaan als bedoeld in artikel 408 lid 2 Sv, is niet zonder meer begrijpelijk. De verdachte heeft gehoor gegeven aan het bevel

  • Strafrecht overigCassatie
    Uitlevering. Afwijzing door de Rb van het verzoek om de advocaten in de Georgische strafzaken van de…

    Hoge Raad9 juni 2015ECLI:NL:HR:2015:1497

    hetzij hem op de voet van (art. 48 WED in verbinding met) art. 398, onder 2°, Sv vertegenwoordigt, hetzij hem als op de voet van art. 279 Sv gemachtigde verdedigt - behoudens bijzondere … hetzij hem op de voet van (art. 48 WED in verbinding met) art. 398, onder 2°, Sv vertegenwoordigt, hetzij hem als op de voet van art. 279 Sv gemachtigde verdedigt - behoudens bijzondere

  • Strafrecht overigCassatie
    Schorsing van vervolging t.z.v. vernieling van urnen op begraafplaats (art. 350.1 Sr) en handelen in strijd…

    Hoge Raad12 maart 2024ECLI:NL:HR:2024:378

    strafprocedure niet wordt voortgezet, terwijl die schorsing op grond van artikel 16 lid 2 Sv alleen dan kan worden opgeheven als van het herstel van de verdachte is gebleken. Daarmee vormt … vervolging op enig moment in de toekomst met toepassing van artikel 16 lid 2 Sv zal worden opgeheven. Een verklaring dat de zaak geëindigd is, kan dan eraan bijdragen

  • Strafrecht overigHerziening
    Herziening.WAM-verklaring, art. 34.2.

    Hoge Raad26 oktober 2010ECLI:NL:HR:2010:BO1739

    sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, aangezien uit de aan de aanvrage gehechte bescheiden blijkt dat op 10 december 2006 voor … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvrage gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6. Beslissing De Hoge Raad

  • Strafrecht overigHerziening
    Herziening.WAM-verklaring, art. 34.2.

    Hoge Raad26 oktober 2010ECLI:NL:HR:2010:BO1732

    sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, aangezien uit de aan de aanvrage gehechte bescheiden blijkt dat op 16 augustus 2006 voor … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvrage gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6. Beslissing De Hoge Raad

  • Strafrecht overigCassatie
    Mishandeling van zijn levensgezel door haar met gebaksvorkje in haar been te steken, art. 304.1 jo. 300.1 Sr…

    Hoge Raad8 oktober 2024ECLI:NL:HR:2024:1397

    dagvaarding op grond van artikel 36e lid 1, aanhef en onder b sub 2°, Sv op dat adres plaatsvinden. 2.4.2 Wanneer de betekening van de dagvaarding in eerste aanleg niet op wettige … verdachte in de zin van artikel 36e lid 1, aanhef en onder b sub 2°, Sv. (Vgl. HR 12 maart 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD5163, rechtsoverwegingen 3.17 en 3.24 onder

  • Strafrecht overigCassatie
    Herziening. Rijden zonder rijbewijs, art. 107.1 WVW 1994. Aangevoerd wordt dat sprake is van…

    Hoge Raad30 juni 2026ECLI:NL:HR:2026:1117

    worden behandeld en afgedaan op de wijze als is voorzien in artikel 472 lid 2 Sv. 4 Beoordeling van de aanvraag 4.1 Als grondslag voor een herziening kan, voor zover hier … naar het gerechtshof Den Haag, opdat de zaak op de voet van artikel 472 lid 2 Sv opnieuw zal worden berecht en afgedaan. Dit arrest is gewezen door de vice-president

  • Strafrecht overigCassatie
    Deelname aan criminele drugsorganisatie (art. 11b.1 Opiumwet), medeplegen verkopen van cocaïne, meermalen…

    Hoge Raad9 september 2025ECLI:NL:HR:2025:1247Aangehaald in 11 uitspraken

    verzoek om bewijsuitsluiting doe ik u niet uitsluitend vanwege een verzuim van art. 126aa lid 2 Sv. Het digitale onderzoek zoals dat heeft plaatsgevonden buiten de kennisneming van geheimhoudersinformatie, valt namelijk

  • Strafrecht overigHerziening
    Herziening. WAM-verklaring, art. 34.2.

    Hoge Raad26 oktober 2010ECLI:NL:HR:2010:BN0630

    sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, aangezien uit de aan de aanvrage gehechte bescheiden blijkt dat op 10 oktober 2007 voor … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvrage gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6. Beslissing De Hoge Raad

  • Strafrecht overigHerziening
    Hoge Raad · Herziening · Strafrecht overig

    Hoge Raad20 december 2011ECLI:NL:HR:2011:BT8966

    sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, aangezien uit een aan de aanvrage gehecht bescheid blijkt dat op 16 juni 2010 voor … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvrage gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6. Beslissing De Hoge Raad

  • Strafrecht overig
    Herziening ten nadele. Art. 482a e.v. Sv. Vivaldi-zaak, waarbij de bedrijfsleider van een Aldi-supermarkt…

    Parket bij de Hoge Raad27 september 2016ECLI:NL:PHR:2016:904

    Herziening ten nadele. Art. 482a e.v. Sv. Vivaldi-zaak, waarbij de bedrijfsleider

  • Strafrecht overig
    Gelet op doel en strekking Drank- en Horecawet, zoals die wet t.g.v. de wijziging bij Wet van 13-4-00 is…

    Parket bij de Hoge Raad6 februari 2007ECLI:NL:PHR:2007:AZ3142

    verbalisant zoals blijkt uit een proces-verbaal als bedoeld in art. 344 lid 1 sub 2 Sv, inhoudende dat de personen niet onmiskenbaar oud genoeg waren, is van feitelijke aard … consumenten niet werd gevraagd om een legitimatiebewijs. Dat is ingevolge art. 344 lid 1 sub 2 Sv hoe dan ook voldoende bewijs voor het tenlastegelegde onderdeel "van wie niet was vastgesteld

  • Strafrecht overig
    Witwassen van voorwerpen uit eigen misdrijf. Gelet op de geschiedenis van de totstandkoming van art. 420bis…

    Parket bij de Hoge Raad2 oktober 2007ECLI:NL:PHR:2007:BA7923

    stemherkenning niet opgevat als een uitdrukkelijk onderbouwd standpunt in de zin van art. 359 lid 2 Sv. Dat oordeel geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk … verdediging kennelijk niet opgevat als een uitdrukkelijk onderbouwd standpunt als bedoeld in art. 359 lid 2 Sv. 24. Door de verdediging worden geen feiten of omstandigheden genoemd die onverenigbaar zijn

  • Strafrecht overigHerziening
    Hoge Raad · Herziening · Strafrecht overig

    Hoge Raad27 januari 2009ECLI:NL:HR:2009:BH0955

    sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv. De aanvrager voert daartoe aan dat zijn motorrijtuig op de pleegdatum verzekerd … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvrage gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6. Beslissing De Hoge Raad

  • Strafrecht overigHerziening
    Hoge Raad · Herziening · Strafrecht overig

    Hoge Raad15 september 2009ECLI:NL:HR:2009:BJ7570

    sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, aangezien uit de aan de aanvrage gehechte bescheiden blijkt dat het kenteken … zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv, zodat de aanvrage gegrond is en als volgt moet worden beslist. 6. Beslissing De Hoge Raad

  • Strafrecht overig
    Conclusie AG. Medeplegen voorbereidingshandelingen Opiumwet. M1: slagende deelklacht dat hof niet heeft…

    Parket bij de Hoge Raad22 september 2026ECLI:NL:PHR:2026:853

    oplegging van een straf in acht moet nemen . Het in artikel 359 lid 2 Sv neergelegde motiveringsvoorschrift heeft daarnaast zelfstandige betekenis. Dit voorschrift brengt met zich dat de rechter zijn beslissing over … Waar het gaat om de motiveringsverplichting van de tweede volzin van artikel 359 lid 2 Sv past de hiervoor genoemde terughoudendheid van de Hoge Raad als cassatierechter bij de eisen

  • Strafrecht overigCassatie
    Jeugdzaak. Openlijke geweldpleging (art. 141.1 Sr), medeplegen dwang (art. 284.1 Sr) en medeplegen afdreiging…

    Hoge Raad22 april 2025ECLI:NL:HR:2025:628

    niet meer dan één dag opgelegd.” 3.3 Op grond van artikel 6:6:21 lid 2 Sv kan de rechter een taakstraf gelasten in plaats van een last te geven tot tenuitvoerlegging … niet van overeenkomstige toepassing zijn verklaard. Artikel 6:6:21 lid 2 Sv moet daarom verbeterd worden gelezen. Dat brengt mee dat in zaken waarin het strafrecht voor jeugdigen is toegepast

  • Strafrecht overig
    Conclusie AG. Seksueel binnendringen en ontuchtige handelingen met minderjarige in de zin van art. 244 en 245…

    Parket bij de Hoge Raad24 september 2024ECLI:NL:PHR:2024:943

    beoogt de deugdelijkheid van de bewijsbeslissing te waarborgen, in die zin dat artikel 342 lid 2 Sv de rechter verbiedt tot een bewezenverklaring te komen als de door één getuige naar voren

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.