Zoekresultaten

Voor “"3:316 BW"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

5 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Strafrecht overig
    Beklag, beslag. Opeisen eigendom binnen termijn ex art. 3:86.3 BW door verzekeringsmaatschappij. HR herhaalt…

    Parket bij de Hoge Raad2 juli 2013ECLI:NL:PHR:2013:948

    waarop ook de oorspronkelijke termijn zonder stuiting zou zijn verstreken. 4.10. Dat art. 3:316 BW van overeenkomstige toepassing is verklaard lijkt erop te wijzen dat de wetgever onder het “opeisen … Praktisch gesproken lijkt die verandering weinig verschil te maken, aangezien de in de artt. 3:316 BW e.v. neergelegde stuitingsregeling van overeenkomstige toepassing werd verklaard op de vervaltermijn. Met de eerdere ruimhartigheid

  • Strafrecht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

    Hoge Raad3 juni 2003ECLI:NL:HR:2003:AF6983Aangehaald in 34 uitspraken

    vereiste vorm geschiedt." 3.5. Uit de geschiedenis van de totstandkoming van art. 3:316 BW blijkt, dat het begrip 'daad van rechtsvervolging' in ruime zin moet worden opgevat. (vgl. Parl. Gesch. Boek

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad3 juni 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF6983

    voorbehouden en deze brief niet is gevolgd door een stuitingshandeling als bedoeld in art. 3:316 BW. 17. Het middel is gegrond voor zover het klaagt over het uitblijven van een antwoord … belang is dus of stuiting van de verjaring ingevolge art. 3:316 BW heeft plaatsgevonden voor het verstrijken van de driejaarstermijn van art. 3:86, derde lid, BW op 24 februari

  • Strafrecht overig
    Conclusie AG. Geen sprake van verjaring van de vordering van de benadeelde partij. Voor de verjaring is art…

    Parket bij de Hoge Raad9 juli 2019ECLI:NL:PHR:2019:764

    niet door verjaring of door de dood van de aansprakelijke persoon is vervallen.” - art. 3:316 BW: “1. “1. De verjaring van een rechtsvordering wordt gestuit door het instellen

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    Verdachte veroordeeld ter zake oplichting tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden, waarvan 6…

    Rechtbank Arnhem3 januari 2011ECLI:NL:RBARN:2011:BP0988

    Verdachte veroordeeld ter zake oplichting tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een grootschalige oplichting door zich op de aan mensen voor te doen als iemand die met de door deze mensen in te…

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.