Zoekresultaten

Voor “"7 EVRM"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

9 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Strafrecht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

    Hoge Raad28 mei 2002ECLI:NL:HR:2002:AE1490Aangehaald in 8 uitspraken

    standpunt ingenomen dat genoemde bepaling uit de APV Tilburg 1997 strijdig is met art. 7 EVRM, art. 16 Grondwet en art. 1, eerste lid, Sr, omdat zij niet voldoet aan het daaruit

  • Strafrecht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

    Hoge Raad5 februari 2002ECLI:NL:HR:2002:AD6981

    evident onevenredig zou zijn in de zin van art. 11, derde lid. 4.11. In art. 7 EVRM ligt onder meer besloten dat de burger moet kunnen weten ter zake van welke gedragingen

  • Strafrecht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

    Hoge Raad28 mei 2002ECLI:NL:HR:2002:AE1511

    standpunt ingenomen dat genoemde bepaling uit de APV Tilburg 1997 strijdig is met art. 7 EVRM, art. 16 Grondwet en art. 1, eerste lid, Sr, omdat zij niet voldoet aan het daaruit

  • Strafrecht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

    Hoge Raad28 mei 2002ECLI:NL:HR:2002:AE1494

    standpunt ingenomen dat genoemde bepaling uit de APV Tilburg 1997 strijdig is met art. 7 EVRM, art. 16 Grondwet en art. 1, eerste lid, Sr, omdat zij niet voldoet aan het daaruit

  • Strafrecht overig
    Conclusie A-G over o.a. de inwerkingtreding van noodregelingen ex art. 31 Gezondheids- en welzijnswet voor…

    Parket bij de Hoge Raad8 januari 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD5579

    foreseeable' zijn, vgl. EHRM NJ 1996, 49, waarin deze eis besloten werd geacht in art. 7 EVRM. Niet verlangd mag worden dat in iedere strafzaak wordt vastgesteld dat de verdachte zich daadwerkelijk

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad28 mei 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE1511

    andere wijze onbehoorlijk te gedragen", niet in strijd was met art. 1 Sr en art. 7 EVRM. De Hoge Raad oordeelde dat van strijd met het bepaaldheidsgebod geen sprake

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad28 mei 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE1490

    andere wijze onbehoorlijk te gedragen", niet in strijd was met art. 1 Sr en art. 7 EVRM. De Hoge Raad oordeelde dat van strijd met het bepaaldheidsgebod geen sprake

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad28 mei 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE1494

    andere wijze onbehoorlijk te gedragen", niet in strijd was met art. 1 Sr en art. 7 EVRM. De Hoge Raad oordeelde dat van strijd met het bepaaldheidsgebod geen sprake

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    Rechtbank 's-Hertogenbosch · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig

    Rechtbank 's-Hertogenbosch1 mei 2002ECLI:NL:RBSHE:2002:AE2128

    artikel 1a van de Wet op de Kansspelen onverbindend is wegens strijd met artikel 7 EVRM, met name aan het daaraan ten grondslag liggende lex certa-beginsel; een strafrechtelijke bepaling mag niet

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.