68 uitspraken gevonden
Sorteer op: Datum uitspraak
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigDe in de Nota uitgiftebeleid 2005 van de gemeente Den Haag genoemde uitgifteprijs voor het onbebouwde…
Rechtbank 's-Gravenhage|26 oktober 2011|ECLI:NL:RBSGR:2011:BU4913
De in de Nota uitgiftebeleid 2005 van de gemeente Den Haag genoemde uitgifteprijs voor het onbebouwde gedeelte van sportcomplexen met buitenvelden van € 40 is slechts bruikbaar bij de toepassing van de vergelijkingsmethode als hulpmiddel om de bijdrage van grond aan de gecorrigeerde vervangingswaarde van de onroerende…
- BelastingrechtHoger beroepWet WOZ. De beslissing op het bezwaarschrift is niet onbevoegd genomen. De door de Inspecteur aangevoerde…
Gerechtshof 's-Gravenhage|21 september 2011|ECLI:NL:GHSGR:2011:BT8887
Wet WOZ. De beslissing op het bezwaarschrift is niet onbevoegd genomen. De door de Inspecteur aangevoerde panden kunnen dienen als vergelijkingspanden en zij onderbouwen de door hem gestelde waarde. De muur van de uitbouw vormt, gelet op haar lengte van drie meter in verhouding tot de grootte van de tuin en ook de…
- BelastingrechtHoger beroepWet WOZ. De beslissing op het bezwaarschrift is niet onbevoegd genomen. De door de Inspecteur aangevoerde…
Gerechtshof 's-Gravenhage|21 september 2011|ECLI:NL:GHSGR:2011:BT8888
Wet WOZ. De beslissing op het bezwaarschrift is niet onbevoegd genomen. De door de Inspecteur aangevoerde panden kunnen dienen als vergelijkingspanden, ook in aanmerking genomen de tussen die panden en het pand van belanghebbende bestaande verschillen. De Inspecteur heeft met de door hem verdedigde waarde in voldoende…
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigDe rechtbank ziet zich voor de vragen gesteld of er tegelijkertijd meerdere bevoegde heffingsambtenaren…
Rechtbank 's-Gravenhage|30 maart 2011|ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ1559
De rechtbank ziet zich voor de vragen gesteld of er tegelijkertijd meerdere bevoegde heffingsambtenaren kunnen zijn en of de bevoegde heffingsambtenaar rechtsgeldig ter zitting is vertegenwoordigd. Uit de Uitvoeringsregeling Belastingdienst (Regeling van 14 juni 1994, Stcrt. 114) blijkt dat er weliswaar tegelijkertijd…
- BelastingrechtArt. 26a Wet WOZ; art. 1 Eerste Protocol EVRM. Toepassing van de zogenoemde Fierensmarge, die de mogelijkheid…
Parket bij de Hoge Raad|22 oktober 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BL1943Aangehaald in 15 uitspraken
Art. 26a Wet WOZ; art. 1 Eerste Protocol EVRM. Toepassing van de zogenoemde Fierensmarge, die de mogelijkheid tot betwisting van een bij WOZ-beschikking vastgestelde waarde beperkt, is onverenigbaar met art. 1 Eerste Protocol EVRM.
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigOnder de uitspraak op bezwaar is op onjuiste wijze vermeld wie de uitspraak heeft gedaan. Ter zitting is…
Rechtbank Haarlem|24 november 2009|ECLI:NL:RBHAA:2009:BL0215
Onder de uitspraak op bezwaar is op onjuiste wijze vermeld wie de uitspraak heeft gedaan. Ter zitting is gebleken dat de beslissing feitelijk wel is genomen door een daartoe gemandateerde. De rechtbank raadt verweerder aan de ondertekening van de uitspraak op bezwaar in overeenstemming te brengen met de feiten en de…
- AmbtenarenrechtHoger beroepFunctietypering. Van belang zijn de meest kenmerkende aspecten van de functie. Het van toepassing zijnde…
Centrale Raad van Beroep|24 september 2009|ECLI:NL:CRVB:2009:BJ9379
Functietypering. Van belang zijn de meest kenmerkende aspecten van de functie. Het van toepassing zijnde functiewaarderingssysteem weegt de zwaarte van de organieke functies in samenhang met de totale organisatieopbouw. Bij het vaststellen van de functietypering komt aan het college beleidsvrijheid toe.…
- BelastingrechtHoger beroepDe ondergrond in de kassen is niet vrijgesteld voor de heffing van rioolrechten. De vrijstelling voor…
Gerechtshof 's-Gravenhage|15 juli 2009|ECLI:NL:GHSGR:2009:BL2480
De ondergrond in de kassen is niet vrijgesteld voor de heffing van rioolrechten. De vrijstelling voor cultuurgrond inclusief ondergrond van glasopstanden geldt uitsluitend voor de heffing van OZB.
- Bestuursrecht overigHoger beroepBij besluit van 8 juni 2005 heeft de Waarderingskamer de berekening van de kosten van de waardering die het…
Raad van State|10 september 2008|ECLI:NL:RVS:2008:BF0311
Bij besluit van 8 juni 2005 heeft de Waarderingskamer de berekening van de kosten van de waardering die het college van burgemeester en wethouders van Voorst (hierna: het college) in de periode 1999 tot en met 2002 in het kader van de Wet waardering onroerende zaken (hierna: de Wet WOZ) redelijkerwijs heeft moeten…
- Bestuursrecht overigHoger beroepBij besluit van 28 januari 2005, gewijzigd bij besluit van 2 februari 2005, heeft de Waarderingskamer de…
Raad van State|23 januari 2008|ECLI:NL:RVS:2008:BC2534
Bij besluit van 28 januari 2005, gewijzigd bij besluit van 2 februari 2005, heeft de Waarderingskamer de berekening van de kosten van de waardering die het college van burgemeester en wethouders van Horst aan de Maas (hierna: het college) in de periode 1999 tot en met 2002 in het kader van de Wet Waardering onroerende…
- Bestuursrecht overigHoger beroepBij besluit van 8 juni 2005 heeft de Waarderingskamer de berekening van de kosten van de waardering die…
Raad van State|7 november 2007|ECLI:NL:RVS:2007:BB7313
Bij besluit van 8 juni 2005 heeft de Waarderingskamer de berekening van de kosten van de waardering die appellant in de periode 1999 tot en met 2002 in het kader van de Wet waardering onroerende zaken (hierna: de Wet WOZ) redelijkerwijs heeft moeten maken, geaccordeerd tot een bedrag van € 884.929,17.
- Bestuursrecht overigHoger beroepBij besluit van 8 juni 2005 heeft de Waarderingskamer de berekening van de kosten van de waardering die…
Raad van State|7 november 2007|ECLI:NL:RVS:2007:BB7312
Bij besluit van 8 juni 2005 heeft de Waarderingskamer de berekening van de kosten van de waardering die appellant in de periode 1999 tot en met 2002 in het kader van de Wet waardering onroerende zaken (hierna: de Wet WOZ) redelijkerwijs heeft moeten maken, geaccordeerd tot een bedrag van € 3.752.470,95.
- Bestuursrecht overigHoger beroepBij besluit van 8 juni 2005 heeft de Waarderingskamer de berekening van de kosten van de waardering die…
Raad van State|7 november 2007|ECLI:NL:RVS:2007:BB7308
Bij besluit van 8 juni 2005 heeft de Waarderingskamer de berekening van de kosten van de waardering die appellant in de periode 1999 tot en met 2002 in het kader van de Wet waardering onroerende zaken (hierna: de Wet WOZ) redelijkerwijs heeft moeten maken, geaccordeerd tot een bedrag van € 1.077.325,14.
- Bestuursrecht overigHoger beroepBij besluit van 28 januari 2005 heeft de Waarderingskamer de berekening van de kosten van de waardering die…
Raad van State|7 november 2007|ECLI:NL:RVS:2007:BB7307
Bij besluit van 28 januari 2005 heeft de Waarderingskamer de berekening van de kosten van de waardering die appellant in de periode 1999 tot en met 2002 in het kader van de Wet waardering onroerende zaken (hierna: de Wet WOZ) redelijkerwijs heeft moeten maken, geaccordeerd tot een bedrag van € 580.237,59.
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - meervoudigWaardering in het kader van de Wet WOZ. Toepassing artikel 4a Uitvoeringsbesluit.
Rechtbank Groningen|31 oktober 2007|ECLI:NL:RBGRO:2007:BC4437
Waardering in het kader van de Wet WOZ. Toepassing artikel 4a Uitvoeringsbesluit.
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - meervoudigWaarderingskamer / vangnetregeling WOZ / normbedrag / waarderingskostentijdvak .
Rechtbank Groningen|31 oktober 2007|ECLI:NL:RBGRO:2007:BC3501
Waarderingskamer / vangnetregeling WOZ / normbedrag / waarderingskostentijdvak .
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - meervoudigWaarderingskamer / vangnetregeling WOZ / normbedrag / waarderingskostentijdvak .
Rechtbank Groningen|31 oktober 2007|ECLI:NL:RBGRO:2007:BC3491
Waarderingskamer / vangnetregeling WOZ / normbedrag / waarderingskostentijdvak .
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - meervoudigBijstelling naar beneden van de in redelijkheid gemaakte kosten. Beroep op vertrouwensbeginsel. Niet voldaan…
Rechtbank Groningen|31 oktober 2007|ECLI:NL:RBGRO:2007:BD6813
Bijstelling naar beneden van de in redelijkheid gemaakte kosten. Beroep op vertrouwensbeginsel. Niet voldaan aan het dispositievereiste.
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - meervoudigBeoordeling kostendeclaratie in waarderingszaak Wet Waardering Onroerende Zaken. De rechtbank onderschrijft…
Rechtbank Roermond|17 september 2007|ECLI:NL:RBROE:2007:BC0104
Beoordeling kostendeclaratie in waarderingszaak Wet Waardering Onroerende Zaken. De rechtbank onderschrijft de gekozen systematiek voor de beoordeling van de redelijkheid van de gemaakte kosten, meer specifiek de maximeringstoets. In de feitelijke toepassing van de maximeringstoets acht de rechtbank aanleiding gelegen…
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigIn deze procedure dient te worden beoordeeld of het in bezwaar gehandhaafde besluit van verweerder waarbij de…
Rechtbank 's-Gravenhage|13 september 2007|ECLI:NL:RBSGR:2007:BC9988
In deze procedure dient te worden beoordeeld of het in bezwaar gehandhaafde besluit van verweerder waarbij de waarderingskosten zijn geaccordeerd tot het bedrag van € 1.269.764,75 in rechte kan standhouden. Beroep ongegrond.
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.