1.310 uitspraken gevonden
Sorteer op: Datum uitspraak
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|18 september 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AB1471
Nr. CW 2323 mr Th.B. ten Kate inzake D.D. Bouterse Edelhoogachtbaar College, Voordracht en vordering tot cassatie in het belang der wet: In het belang der wet heb ik de eer mij in cassatie te voorzien tegen de Beschikking van het Gerechtshof te Amsterdam, van 20 november 2000, gewezen op het schriftelijk beklag van…
- VreemdelingenrechtHoger beroepRaad van State · Hoger beroep · Vreemdelingenrecht
Raad van State|5 september 2001|ECLI:NL:RVS:2001:AD4502
RAAD VAN STATE AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK 200103358/1. Datum uitspraak: 5 september 2001 Uitspraak op het hoger beroep van: [appellant], appellant, tegen de uitspraak van de arrondissementsrechtbank te 's-Gravenhage, nevenzittingsplaats Haarlem, van 27 juni 2001 in het geding tussen: appellant en de Staatssecretaris…
- VreemdelingenrechtHoger beroepRaad van State · Hoger beroep · Vreemdelingenrecht
Raad van State|7 augustus 2001|ECLI:NL:RVS:2001:AD3842
200103264/1. Datum uitspraak: 7 augustus 2001 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak op het hoger beroep van: appellant, tegen de uitspraak van de president van de arrondissementsrechtbank te ‘s-Gravenhage, nevenzittingsplaats Amsterdam, van 26 juni 2001 in het geding tussen: appellant en de Staatssecretaris van…
- Strafrecht overigHoger beroepGerechtshof 's-Gravenhage · Hoger beroep · Strafrecht overig
Gerechtshof 's-Gravenhage|8 mei 2000|ECLI:NL:GHSGR:2000:AA5729
8 mei 2000 GERECHTSHOF TE 'S-GRAVENHAGE EERSTE CIVIELE KAMER ARREST in de zaak van: de STAAT DER NEDERLANDEN, waarvan de zetel is gevestigd te 's-Gravenhage, APPELLANT in het principaal hoger beroep, GEÏNTIMEERDE in het incidenteel hoger beroep, procureur: mr. C.M. Bitter, t e g e n [geïntimeerde], zonder bekende…
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|28 april 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA5635
Rolnr. C98/363 Zitting d.d. 24 december 1999 (bij vervroeging) Conclusie mr Spier inzake 1. [erfgenaam 1] 2. [erfgenaam 2] 3. [erfgenaam 3] (hierna: de erven) tegen Koninklijke Scheldegroep b.v. (hierna: De Schelde) Edelhoogachtbaar College, 1. Feiten 1.1 In cassatie kan worden uitgegaan van de feiten zoals deze door…
- Personen- en familierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Personen- en familierecht
Parket bij de Hoge Raad|24 maart 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA5260
Rolnr. C98/250 Mr. Moltmaker Omgangsregeling Conclusie inzake Kort geding Zitting 17 december 1999 [de vader] tegen [de moeder] Edelhoogachtbaar college, 1 Feiten en procesgang 1.1 Aan rov. 4.1 van het in cassatie bestreden arrest van het hof ontleen ik de volgende feiten. Eiser van cassatie (de vader) en verweerster…
- Bestuursrecht overigHoger beroep1. Art. 8:29 Awb niet in strijd met de artikelen 10 en 13 EVRM; 2. Informatie over correspondentie tussen…
Raad van State|25 november 1999|ECLI:NL:RVS:1999:AA4098
1. Art. 8:29 Awb niet in strijd met de artikelen 10 en 13 EVRM; 2. Informatie over correspondentie tussen Kroonprins en Minister kan eenheid van de Kroon in gevaar brengen. Weigering door appellant, op grond van art. 10.1.a WOB, om aan verslaggever van de Volkskrant correspondentie beschikbaar te stellen m.b.t. het…
- Strafrecht overigCassatieVoortgezette handeling van medeplegen invoer van cocaïne (art. 2.A Opiumwet) en deelnemen aan criminele…
Hoge Raad|29 maart 1994|ECLI:NL:HR:1994:AD2076Aangehaald in 47 uitspraken
Voortgezette handeling van medeplegen invoer van cocaïne (art. 2.A Opiumwet) en deelnemen aan criminele organisatie (art. 140.1 Sr). 1. Beroep op niet-ontvankelijkheid OM in vervolging wegens het op onjuiste wijze wijzigen van dagvaarding. 2. Had Hof aan vastgestelde schending van beginselen van goede procesorde (bij…
- Strafrecht overigCassatieVoor de opvatting dat art. 56 lid 4 Wet RO niet van toepassing is op de in art. 13 lid 1 Opiumwet bedoelde…
Hoge Raad|18 februari 1986|ECLI:NL:HR:1986:AC9229
Voor de opvatting dat art. 56 lid 4 Wet RO niet van toepassing is op de in art. 13 lid 1 Opiumwet bedoelde overtredingen is geen steun te vinden in tekst, strekking of geschiedenis van art. 56 lid 4. De opvatting dat art. 56 lid 4 onverenigbaar is met art. 14 lid 5 Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en…
- Strafrecht overigVoor de opvatting dat art. 56 lid 4 Wet RO niet van toepassing is op de in art. 13 lid 1 Opiumwet bedoelde…
Parket bij de Hoge Raad|18 februari 1986|ECLI:NL:PHR:1986:AC9229
Voor de opvatting dat art. 56 lid 4 Wet RO niet van toepassing is op de in art. 13 lid 1 Opiumwet bedoelde overtredingen is geen steun te vinden in tekst, strekking of geschiedenis van art. 56 lid 4. De opvatting dat art. 56 lid 4 onverenigbaar is met art. 14 lid 5 Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.