9 uitspraken gevonden
Sorteer op: Datum uitspraak
- Strafrecht overigConclusie AG. Uitgeven valse bankbiljetten (art. 213 Sr). Middel over de motiverng van de bewezenverklaring…
Parket bij de Hoge Raad|7 oktober 2025|ECLI:NL:PHR:2025:1024
Conclusie AG. Uitgeven valse bankbiljetten (art. 213 Sr). Middel over de motiverng van de bewezenverklaring van het opzet slaagt. In dit geval is voor het bewijs onvoldoende dat andere personen verklaren de valsheid meteen te hebben opgemerkt. Conclusie strekt tot gedeeltelijke vernietiging en terugwijzing.
- Strafrecht overigConclusie AG. Middelen over unus testis, kwalificatiegrond witwassen en kwalificatie onder art. 213 Sr falen…
Parket bij de Hoge Raad|31 oktober 2023|ECLI:NL:PHR:2023:954
Conclusie AG. Middelen over unus testis, kwalificatiegrond witwassen en kwalificatie onder art. 213 Sr falen (81 RO). Middel over schending van de inzendtermijn slaagt. Conclusie strekt tot vernietiging wat betreft de opgelegde gvs en vermindering daarvan naar de gebruikelijke maatstaf en tot verwerping van het…
- Strafrecht overigConclusie AG. Jeugdzaak. Uitgeven van vals bankbiljet ex art. 213 Sr. 1. Verwerping van uitdrukkelijk…
Parket bij de Hoge Raad|24 mei 2022|ECLI:NL:PHR:2022:476
Conclusie AG. Jeugdzaak. Uitgeven van vals bankbiljet ex art. 213 Sr. 1. Verwerping van uitdrukkelijk onderbouwd standpunt dat de verdachte niet het voor een bewezenverklaring vereiste opzet had. 2. Bewijsklacht opzet op de valsheid van het bankbiljet. Conclusie strekt tot verwerping van het beroep.
- Strafrecht overigConclusie plv. AG. Opzettelijke uitgave van valse bankbiljetten. Art. 213 Sr. Had de verdachte…
Parket bij de Hoge Raad|29 oktober 2019|ECLI:NL:PHR:2019:1085
Conclusie plv. AG. Opzettelijke uitgave van valse bankbiljetten. Art. 213 Sr. Had de verdachte (voorwaardelijk) opzet op de valsheid van bankbiljetten ten tijde van het uitgeven daarvan? Strekt tot (gedeeltelijke) vernietiging en terugwijzing.
- Strafrecht overigConclusie AG. Slagende bewijsklacht over het opzettelijk uitgeven van valse bankbiljetten (art. 213 Sr). Het…
Parket bij de Hoge Raad|25 juni 2019|ECLI:NL:PHR:2019:679
Conclusie AG. Slagende bewijsklacht over het opzettelijk uitgeven van valse bankbiljetten (art. 213 Sr). Het hof heeft ongeloofwaardig geachte verklaringen voor het bewijs gebruikt. De AG geeft de Hoge Raad in overweging het arrest van het hof te vernietigen.
- Strafrecht overig1. Art. 359 leden 3 en 8 Sv. 2. Oordeel m.b.t. redelijke termijn. Ad 1. Het bestreden arrest voldoet wat…
Parket bij de Hoge Raad|9 juni 2015|ECLI:NL:PHR:2015:1503
1. Art. 359 leden 3 en 8 Sv. 2. Oordeel m.b.t. redelijke termijn. Ad 1. Het bestreden arrest voldoet wat betreft feit 12 niet aan het vereiste van art. 359 leden 3 en 8 Sv. HR spreekt om doelmatigheidsredenen de verdachte ter zake van dit feit vrij. Daardoor wordt de aard en ernst van al hetgeen voor het overige ten…
- Strafrecht overigArt. 126m Sv. Het oordeel van het Hof dat het misdrijf het uitgeven van valse bankbiljetten (strafbaar…
Parket bij de Hoge Raad|8 november 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BT2099Aangehaald in 15 uitspraken
Art. 126m Sv. Het oordeel van het Hof dat het misdrijf het uitgeven van valse bankbiljetten (strafbaar gesteld in art. 213 Sr) naar zijn aard een ernstige inbreuk op de rechtsorde oplevert in de zin van art. 126m.1 Sv en dat daaraan niet afdoet dat sprake is van (de verdenking) van het eenmalig uitgeven van één vals…
- Strafrecht overigArt. 359.3 Sv, bekennende verdachte en Promis. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BL5628 m.b.t…
Parket bij de Hoge Raad|11 januari 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BO5354
Art. 359.3 Sv, bekennende verdachte en Promis. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BL5628 m.b.t. een Promis-arrest en de uitzondering van art. 359.3 Sv daarop. Het Hof heeft i.c. wat betreft feit 4 niet volstaan met een 'opgave van de bewijsmiddelen', a.b.i. art. 359.3 Sv, maar met een bewijsvoering op een…
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|8 april 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AF1276
Nr. 02658/01 Mr Jörg 19 november 2002 Conclusie inzake: [verzoeker=verdachte] 1. Het gerechtshof te 's-Hertogenbosch heeft bij arrest van 5 april 2001 bevestigd, voor zover aan zijn oordeel onderworpen, het vonnis van de rechtbank te 's-Hertogenbosch van 4 april 2000, waarbij verzoeker, voor zover in cassatie van…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.